Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Indien wij hun echter aantoonen, dat hun eigene woorden dezelfde beteekenis hebben, kunnen wij ons doel bereiken. Wanneer wij hun vertellen, dat zij Buddlii kunnen ontwikkelen , en dat Buddhi kan opgaan in Atma, weten zij niet wat wij bedoelen. Maar wanneer wij hun leeren, dat de Christus in hen kan worden geboren, en dat zij één kunnen worden in den Vader, zien zij onze bedoeling.' De bedoeling is dus geen bedrog, maar streven naar duidelijkheid.

Dit nadrukkelijk constateerende om alle onrechtvaardigheid te vermijden, moet ik toch dr. Hoedemaker gelijk geven, als deze opmerkt: „Er bestaan wetten tot bescherming van letterkundig eigendom, maar wij kennen geen enkele wet, die iemand verbiedt zichzelven een godsdienstig mensch, een Christen, een rechtzinnige of wat dan ook te noemen, al kunt gij het bewijs leveren, dat deze woorden oorspronkelijk een tegenovergestelde beteekenis hadden." 2) Zoovelen zijn niet in staat vorm en wezen te onderkennen, en laten zich door dit spraakgebruik misleiden.

Wanneer men dit op de rechte waarde schat en dus laat voor wat het is, valt het niet moeiljjk in te zien, dat prof. Chantepie gelijk heeft. — „God is dood", want het pantheïsme vermoordt de religie. Deze toch „onderstelt altijd, dat God en mensch, ofschoon verwant, toch onderscheiden zijn." 3) En „als God en mensch in substantie één zijn, is er eene relatie van den mensch tot God, gelijk die in de religie tot stand komt, niet mogelijk meer. De religie is dan hoogstens het tot zelfbewustzijn komen van God in den mensch, de terugkeer van het Absolute tot zichzelf in het menschelijke bewustzijn4).

Het godsbegrip der theosophen is Sat, „het", dat onbepaalde,

') Voorclr. blz. 85, 86.

2) a. w. blz. 112.

a) Dr. H. Bavinck, Gereformeerde Dogmatiek. Kampen, J. H. Bos, deel I, blz. 210. 4) Bavinck, t. a. p.

Sluiten