Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 19. Een corpslid mag door zijn toedoen of met zijn toestemming een groen geen handelingen doen plegen, die geacht worden de uitwendige eer van het L. S. C. te schenden.

Art. 20. Slechts den openbaren vereenigingen staat het leden-werven onder de groenen vrij. Andere vereenigingen behoeven daartoe de schriftelijk aan te vragen toestemming van het Collegium.

Bij dat werven mag geenerlei drang jegens de groenen worden uitgeoefend.

Art. 21. Indien een corpslid in strijd handelt met een der bepalingen van dit reglement, of de uitvoering daarvan verhindert, valt hij onder art. 11—15 der wet van het L. S, C.

Bovendien kunnen hem zijn rechten tegenover de groenen gedurende den groentijd of een gedeelte daarvan door het Collegium worden ontzegd.

Sluiten