Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

openbaring, opdat haar doel in zondaren worde bereikt. En hare werking ervaren we, wanneer we door het getuigenis des H. Geestes gebracht worden tot de subjectieve verzekerdheid van de objectieve waarheid, in de H. Schrift nedergelegd.

Daarom roepen we: Terug naar de Schrift! Want de Geest die Zijn testimonium in onze harten geeft, is van die Schrift de auteur, en Hij geeft door Zijn testimonium geen nieuwe of hoogere openbaring, maar geeft getuigenis aan wat Hij in de Schrift heeft geopenbaard. Dat de Schrift de waarheid ter zaligheid bevat, gelooven wij op grond, van het goddelijk gezag der Schrift zelve; dat wij gelooven al wat de Schrift zegt en de zekerheid er van ervaren, dat danken wij aan de verlichting en het getuigenis des H. Geestes.

Ten slotte moet nog worden onderstreept, hoe door de Hartog voorbij gezien wordt, dat Gods kinderen tot aan hun dood toe zondaren blijven, die door hunne zonde telkens het getuigenis des H. Geestes verduisteren en gevaar loopen, dit met allerlei dwaling te vermengen, en daarom de Schrift noodig hebben als toetssteen van al hun innerlijke ervaringen en bevindingen.

Wie dat ontkent, plaatst zich boven de Schrift.

Nu zegt de Hartog wel herhaaldelijk, zich niet te plaatsen boven de eeuwige waarheid der Schrift. Dat klinkt wel Schriftgeloovig, maar is het toch niet. Want inderdaad is bij hem het getuigenis des H. Geestes een orgaan, waardoor hij in staat gesteld wordt, in de Schrift te schiften tusschen wat in haar eeuwige waarheid is en wat niet. En als hij dan dit uitgemaakt en zelf de

Sluiten