Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overeen te stemmen met de uitspraken van den Bijbel. Het Remonstrantisme was voor hen geen leer, maar een beginsel Een hunner voormannen, Episcopius, heeft den sterksten nadruk er op gelegd dat „de theologie niet is een bespiegelende, maar een praktische wetenschap; niet ten deele bespiegelend en ten deele praktisch, zooals sommigen willen; neen, „pure practica est". Vandaar dan ook, dat hij „de weinigheyt der noodsaeckelijcke geloofspoincten" op den voorgrond kon stellen en Van Limborch later betoogde dat het dogma der praedestinatie, van hoe groot belang ook, tot de „non necessaria" behoorde.

En aan deze opvattingen paarde zich begrijpelijkerwijze een gezindheid, die even ver van onverdraagzaamheid als van indifferentisme was verwijderd. Laat ik dit door een tweetal voorbeelden mogen toelichten. In het jaar 1630 werden de Remonstranten opnieuw van Sociniaansche ketterij beticht, en hoeveel er hun ook aan gelegen was, zich van die gevaarlijke beschuldiging te zuiveren, Wtenbogaert kon het niet van zich verkrijgen, aan het verlangen van Frederik Hendrik te voldoen en de stellingen der Socinianen formeel te veroordeelen. Ook nu bleef hij getrouw aan zijn beginsel: „Ik veroordeel niemand in wien iets van Christus is". Maar acht jaar te voren had dezelfde Wtenbogaert gewaarschuwd tegen de bedenkelijke leeringen van den Remonstrantschen predikant Wouter Cornelisz. van Waarder. Wie op zulk een wijze, schreef hij, „de palen der confessie was te buiten gegaan, ont-

Sluiten