Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en dooden er van begeeft, — want daarbij blijven zij in het leven, — maar opdat gij zoo wijs en verstandig zijt, u niet daarvan te laten afbrengen, dat gij Christus toebehoort, dat gij in den hemel behoort; u daarvan niet te laten afbrengen, dat gij u opwaarts begeeft, in de hnoge luchten der vrijheid en des levens van Christus. Als gij dat doet, dan doodt gij uwe leden, die op de aarde zijn, dan geeft gij hun geen voedsel, dan zijn zij aan den invloed van de vorst blootgesteld, zoodat zij alle bruikbaarheid, kracht, sap en leven verliezen en moeten afrotten en verderven.

Mijne Geliefden, God geve u allen het verstand, om het te begrijpen. Ik predik niet uit arglistigheid of uit onreinigheid, maar met een eenvoudig hart en een goed geweten. Wie de zonden aan de hand houdt en meent de ongerechtigheid met de gerechtigheid te kunnen vereenigen, zonde en genade te kunnen door elkander werpen, Christus en Belial te kunnen samenvoegen, — is een kind, dat zich niet wil laten overtuigen, en het zal zich, zoo waarachtig als God leeft, bedriegen, al mocht het vermeenen bovenaan te zitten in het Koninkrijk Gods. Men moge zich op het Woord beroemen, zooveel men wil, — dit zal evenwel blijven staan, dat geen hoereerder, geen onkuische, geen dronkaard, geen gierigaard, geen die de werken des vleesches doet, erfenis heeft in het Koninkrijk van Christus en van God (Ef. 5:5; 1 Cor. 6 : 10.) En deze en vele andere ondeugden zitten toch bij u, hetzij fijn of grof; daarvan moet gij echter af; gij komt daarvan evenwel niet af met eene mystieke leer van een verborgen leven met God, noch met eene leer, waarbij men van verkiezing, van de genade praat en zijne ondeugden zelf bedekt met den naam van den ouden mensch of het onwedergeboren deel, en ze nochtans volbrengt, zonder kamp en strijd om er van los en vrij te zijn voor God. — Zoo zij dan in de eerste plaats de Wet uw tuchtmeester, dat u de leden, die op de aarde zijn, in hunne ware ontzettende gestalte voor oogen gesteld worden, dat gij, verlegen en verbroken, tot de vraag komt: hoe word ik er van verlost? Dan zult gij het Evangelie verstaan, dat u predikt: gij zijt

Sluiten