Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in zijne algemeene genade zich bedient, om in een gevallen wereld het menschelijke saamleven mogelijk te maken.

Wij zien dan ook zoowel bij de heidenen als bij de Christenvolken welk een treurige toestand intreedt, als de groote meerderheid der bevolking aan alle religie den rug toekeert. Dan wijkt de eerbied voor het gezag steeds meer; dan wordt de gruwelijkste onzedelijkheid bedreven, ja als geoorloofd en nuttig aangeprezen; dan wordt de eerlijkheid al zeldzamer, en dan wordt de band, die de leden van één gezin behoort saam te binden, al meer losgerafeld. Let slechts op het Rome uit den keizertijd en op het Frankrijk onzer dagen.

Veel grooter waarde heeft echter de religie voor wie waarlijk met het hart gelooft en met den mond belijdt.

De bekende Theoloog RlTSCHL, die in Duitschland zooveel opgang maakte, heeft de stelling verkondigd: „Het komt er niet op aan, of aan onze religie eene werkelijkheid beantwoordt. Als de religie ons slechts troost biedt bij het lijden dezer wereld, ons moed schenkt, als wij de vleugelen onzer ziel slap laten hangen, en ons kracht geeft tot ons werk, dan hebben wij aan haar genoeg".

Maar zoo is het niet. Het is niet genoeg, dat wij uit onze religie troost putten, maar hieraan hangt het alles, of wij deel hebben aan den eenigen troost, beide voor het leven en voor het sterven; dat is dus aan den waarachtigen troost; aan den troost, die bij de realiteit van dood en graf en oordeel past.

Welnu de ware religie biedt ons dezen troost.

Wie met lichaam en ziel het eigendom van onzen dierbaren Zaligmaker is, die kent eene vreugde, welke alle verstand te boven gaat; die ervaart eene liefde, welke alle wateren der zee niet kunnen uitblusschen; en die smaakt een vrede, zóó zalig en zóó vol, dat onze taal te zwak is om hem naar waarde te teekenen. Als wij slechts waarlijk in God gelooven, in God rusten, op de armen Gods ons laten drijven, dan is het grootste geluk ons deel; dan zijn wij bezitters van den kostelijksten schat; dan kunnen onze doodvijanden ons nooit losrukken van het fundament, waarop wij staan mogen.

God te kennen in het aangezicht van Christus Jezus, dat is het eeuwige leven ; dat is de vreugde onzer vreugde; dat is het kostbaarst kleinood, hetwelk een genadig God ons toevertrouwde!

Sluiten