Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ken Ik Mijn welbehagen heb." Deze is Mij uitverkoren en dierbaar om de uiterste Hoeksteen te wezen voor Mijn Kerk. Deze is de éénige Petra waarop Mijne gemeente kan gebouwd wezen.

Van eeuwigheid was Hij uitverkoren en dierbaar in Gods Raad en Verordening. Maar in den tijd was Hij uitverkoren en dierbaar, toen de Vader Hem aanschouwde als den gehoorzamen Zoon, gekomen in het vleesch om 's Vaders Raad ten uitvoer te leggen. Dezen legt de Vader ten hoeksteen. De eenige Hoeksteen onzer zaligheid is Christus, omdat zondaren alleen in en door Hem kunnen bestaan voor God, en alleen in en door Hem kunnen bestaan tegen den vijand.

God de Heere weet het beter dan wij, weet het alleen, hoe groot onze schuld is. Ach, hoe weinig verstaan wij daarvan, ook zelfs na ontdekking aan de zonde. God de Heilige alleen weet het volkomen, hoe al onze gerechtigheid voor Hem is als een wegwerpelijk kleed. Hij weet het en zegt het ons ook, dat wij met al onze vroomheid, met al ons ijveren voor „gebod op gebod, regel op regel," met al ons pogen van „hier een weinig, daar een weinig," nooit heilig, nooit welaangenaam in Zijne heilige oogen worden.

En daarom geeft Hij in Zijne ondoorgrondelijke genade op éénmaal eene volkomene verzoening voor alle schuld, eene volkomene gerechtigheid ten geschenke. Hij laat den Heere Jezus voor de zonde betalen. Hij zendt Zijnen Zoon om alle gerechtigheid te vervullen, totdat het alles is volbracht. En dan legt God de Vader deze volkomene verzoening, gerechtigheid en heiligheid in Christus ons voor de voeten en laat ons prediken: Zondaren, werpt u met al uw zonde en schuld op dezen reinen Grondsteen em gij zult rein zijn, werpt uzelve als nutteloos puin op dit Fundament en dit

Sluiten