Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ben. Locke meende, dat de ziel des menschen bij de geboorte eene tabula rasa was, waarop men later schrijven kon wat men wilde; Helvetius en Condillac leidden evenzoo alle geestelijk verschil tusschen de menschen uit de omgeving en opvoeding af; en het socialisme streeft er naar, om het probleem in dezelfde richting op te lossen. Maar de feiten der niet bloot verworvene, doch aangeborene ongelijkheid spreken te sterk, dan dat ze langen tijd ontkend zouden kunnen worden; en onder invloed van de evolutie- en herediteitsleer worden ze thans ook algemeen aanvaard. Zelfs is men in wetenschap, literatuur en kunst niet zelden tot een ander uiterste overgeslagen, zoodat eene reactie ten gunste van de zelfstandigheid der persoonlijkheid hoog noodig werd. Maar hier behoeven we met het vraagstuk der erfelijkheid ons niet verder in te laten; genoeg zij het, op te merken, dat herediteit en variabiliteit steeds met elkander gepaard gaan, en dat in weerwil van aile onderzoek, aan dit vraagstuk besteed, niemand tot heden vermag te zeggen, waar de eene eindigt en de andere begint; zelfs zijn ten aanzien van de overerving der verworven eigenschappen de meeningen zeer verdeeld. Dit staat echter wel vast, dat ieder mensch met zijne ouders, familie, volk, menschheid veel gemeen heeft, en toch ook weer van hen allen door bepaalde eigenaardigheden verschilt. Ieder mensch is, gelijk Emerson zeide, een citaat van zijne voorouders; en toch is hij ook weer een eigen gedachte en woord.

Het verschil tusschen de menschen gaat in alles door, lichamelijk en niet minder geestelijk, in gewaarwording, waarneming, geheugen, verbeelding, wil, gevoel, gemoed, begeerte, wil, karakter, temperament, enz., en niet alleen in deze geschiktheden op zichzelve, maar evenzeer in hare onderlinge verhoudingen. Er zijn aangeboren ver-

Sluiten