Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoogst verontrust te zijn, dan eenmaal gestorven, te ontwaren dat men zich zeiven bedrogen heeft en te worden verwezen naar de eeuwige pijn, terwijl men gehoopt had eeuwigheden te zullen doorbrengen onder de Halleluja's der gezaligden. Ontzettende gedachte! Ontzet zij u ? doet zij u in verslagenheid des harten uitroepen: wat moet ik doen, opdat ik de gave des H. Geestes deelachtig, opdat ik door Hem vernieuwd en geheiligd worde? Heil u, zoo gij dit in waarheid met een bekommerd en verslagen harte vraagt. Dit is reeds eene poging van dienzelfden Geest, om in u eene heilzame begeerte naar zijne gaven te verwekken. Ik mag u antwoorden wat petrus op den Pinksterdag den verslagenen zoo dringend aanbeval: n Gelooft in den Heere jezus christus , en gij zult van de gaven des Heiligen Geestes ontvangen.

Yan christus gaat het nieuwe leven des Geestes uit, dat de zondaar het peest behoeft en zich zeiven het minst van allen kan geven. Nog heden ten dage is Hij de gekruiste, de gestorven, maar verrezen en verhoogde christus, de levende en altijd vloeijende bron, waaruit de gaven des Geestes stroomen en Hij, de verheerlijkte menschen Zoon, degene die den Geest Gods zonder mate heeft en die van zijne gaven uitdeelt aan een iegelijk gelijk Hij wil. Die in Mij gelooft, heeft Hij gezegd, stroomen des levenden waters zullen uit zijn binnenste vloeijen en Hij heeft dit gezegd van den Geest, denwelken ontvangen zullen, die in Hem gelooven. Daarom was het ook de vraag van paulus aan de joHANNES-discipelen: hebt gij den H. Geest ontvangen, als gij geloofd hebt? Overal, waar zijn Evangelie verkondigd wordt, ruischt die levensadem, welke ezechiël eens hoorde in de vallei der doodsbeenderen en waar een zondaar geloovig komt en heilbegeerig opziet tot Hem, daar wordt het woord vervuld, door johannes de Dooper van Hem gesproken: //deze is het, die met den H. Geest doopt.

Sluiten