Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als opgetrokken was geweest. Toen scheen het mij toe alsof ik het ook zoo had moeten ondervinden. Ik stelde den Heere paal en perk. Later kwam ik bij een schipper, wien ik mijne werkzaamheden mededeelde; hij zeide mij; „houd zoo maar aan; „dat is de weg om vatbaar te worden voor vrije „genade.' liet duurde wel veertien dagen dat ik daarnaar stond. .Toen kwamen mij deze woorden voor: „beproef de geesten of zij uit God zijn." Ik zeide: „Och Heere, hoe zal ik de geesten beproeven? „Leer mij door Uwen Geest." Zoo viel mij in dat de geest van den man, die mij besturing gegeven had, en de geest, waardoor ik werkte, niet uit God waren. Daarop geraakte ik in een anderen toestand en leerde afhankelijk werkzaam zijn. Het was mijn verlangen, dat de Heere mij slechts naar Zijnen wil mocht leiden. Ik was gedurig zoo levendig werkzaam met den Heere Jezus, dat ik telkens uitriep : „Och Heere Jezus, wat houdt mij toch terug, „dat ik mij niet aan U overgeven en kwijt worden „kan? ]Nu zag ik dat de Heere Jezus gewillig was, maar dat het aan mij scheelde; dat ik niet wilde. Och, daar zijn altijd nog verborgene steunsels, die den mensch bij zich heeft, en geheime banden, die hij niet ziet, tot de Heere hem losmaakt en van alles ontbloot; dan wordt hij eerst een vlak veld voor God, en leert hij dat zijne beste werken verdoemelijk voor God zijn. Dan eerst wordt hij een voorwerp van de vrije genade. Ik ging nog eenigen tijd zoo voort in het toevluchtnemend geloof tot op zekeren dag dat wij niet werkten; toen werd mij de Heere Jezus onmisbaar. Gedurig viel

3

Sluiten