Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waar hij alzoo spreekt •, op den kansel eener , destijds vooral, 7.00 aanzienelijke stad , en in de tegenwoordigheid van zoo velen, die hem daarom vrij wat leeds konden brouwen. Hoort !

« Meent gij , dat wij eenen Burgemeester respect zouden geven , die zeide , dat er geen God is ?" 1) Be pligt van Overheden is, de godsdienst waartenemen . . . zeggen ze : cc Gij zijt geen predikant naar onzen zin dat kan wel wezen , en wij zouden ligt, beter naar haren zin worden , zaten ze er maar wat meer." 2) « De Overheden moeten hare onderdanen niet te veel bezwaren : maar , indien het mogelijk is , dezelve verligten ; de schapen zijn de wol schuldig; maar zij zijn de huid niet schuldig. 3) — Werd van hooger hand bevel gegeven , om 's Lands schepen van oorlog , niet man en muis , in de lucht te laten vliegen , zoo wanneer men 't niet langer houden kon , Smijtegelt verklaart zulks voor ongeoorloofd. Zoo beklaagt hij zich, zonder weérhouden, dat de bordeelhuizen en hoerekoten in de achteraf-plaatsen der stad niet uitgerooid werden. 3^ Hoe stout

O j

de opmerking : cc Gaat gij bij de Grooten , zij hebben dikwijls niet vele qualiteiten , die er vereischt worden tot hunne ambten, waar zij den eed voor gedaan hebben." 6) N0g stouter, waar hij spreekt van het onregt-plegen : cc Occasie maakt den dief : de Grooten zitten aan 't roer,

1) Blijdzij 117. 3) Bladzij 5g8. 5) Bladzij Gig.

2) « 584,585. 4) « 608. 6) a 566.

Sluiten