Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zeggen, bijvoorbeeld als men twijfelt of het kind (of de vrucht) nog wel leeft; als men twijfelt, of het kind (of de vrucht) reeds gedoopt is.

Elke voorwaarde is genoegzaam uitgedrukt in deze woorden: indien het Doopsel geldig is, 'doop ik U in den Naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes.

Weet men op het oogenblik niet goed, hoe de voorwaarden te stellen, dan zegge men eenvoudig: ik doop U in den Naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes.

12. Aan wie moeten leeken kennisgeven van de toediening van het Doopsel ?

Wanneer het Doopsel is toegediend door iemand, die geen priester is, dan geve hij altijd van de toediening van Doopsel onmiddellijk kennis aan de geestelijkheid van de parochie, waarin het kind is gedoopt.

Sluiten