Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

organisatie. (Vroeger was „Zending gedreven" door Genootschappen. De Chr. Gereformeerden hadden dit eveneens door Zendingsvereeniging gedaan).

b. De positie van de Theologische School te Kampen.

Het Beding van 1892 in 1893 op de Synode van Dordrecht

gehandhaafd. De eigen inrichting der kerken. In 1902 (Synode van Arnhem) lang en breed gehandeld over de vraag: Vereeniging der Theol. School met de Theol. Faculteit der Vrije Universiteit? Besloten werd het besluit tot vereeniging niet uit te voeren. Sedert is door allerlei omstandigheden de positie der Theologische School verstevigd.

c. De uitspraken in eenige leergeschillen.

Supra- of infra-lapsarisme. Eeuwige rechtvaardigmaking. Onmiddellijke wedergeboorte. Onderstelde wedergeboorte bij den Doop. In 1905 op de Synode van Utrecht behandeld. De uitspraken rijk gezegend. Deze Synode ook belangrijk door de wijziging in Art. 36 der Ned. Geloofsbelijdenis.

d. Principieele regeling der verzorging van de Emeritipredikanten, hunne weduwen en weezen. Artikel 13 der Kerkenordening. Synode van Middelburg 1896, Synode van Utrecht 1905, en verder op bijna alle Synode's. Welke beginselen ?

Voor het geheele Gereformeerde leven en zijn ontplooiing op alle terreinen is van grooten zegen geweest de Vrije Universiteit.

Bronnen:

Ds. J. H. Land we hr. Kort Overzicht van de Geschiedenis der Geref. Kerken in Nederland van 1795 tot heden. 7e druk, pag. 77—80.

Acte der Synodes.

Ds. J. van der Linden. „Waarom zijt gij lid eener Gereformeerde Kerk?"

Dr. B. Wiel en ga. „Het huis Gods".

Lectuur:

Andere handboeken over de Kerkgeschiedenis.

SCHETS XXVI.

VAN 1908-1929 IN DE GEREFORMEERDE KERKEN IN NEDERLAND.

Het leven der Gereformeerde Kerken ontplooit zich meer en meer en kenmerkt zich door eenige gewichtige zaken.

Sluiten