Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijker gelegen). «Do woestijn van Juda' is de naam voor de onbewoonde strook lands tusschen de bergen van ïïebron en Bethlehem en de Doode zee; vol woeste bergspleten.

2. Vr. Wat predikte Johannes de Uoopfrf

Antw. Johannes kwam in al het omliggende land van den Jordaan, predikende den doop der bekeering tot_ vergeving der zonden, zeggende: „bekeert u, want het koninkrijk der hemelen is nabij gekomen."

Luc. 3 : 7—9. „Hij zeide dan tot de scharen, die uitkwamen om van hem gedoopt te worden: gij adderen gebroedsel, wie heeft u aangewezen te vlieden van den toekomenden toorn? Brengt dan vruchten voort, der bekeering waardig. De bijl ligt aireede aan den wortel der boomen; alle boom dan die geen goede vrucht voort brengt, wordt uitgehouwen en in het vuur geworpen." (De adder is een giftige slang, 't Woord „adderengebroedsel wijst op innerlijke verdorvenheid en boosheid.)

't Volk dacht, dat het genoeg was Abraham tot vader te hebben, om het Koninkrijk Gods te beërven. Luc. 3:8; Matth. 5 : 8. Johannes predikte de bekeering des harten !

De doop der proselieten bestond in die dagen. Dat was de doop voor de heidenen, die Jood wenschten te worden. Ook waren allerlei wasschingen des lichaams in gebruik, volgens de Wet, die telkens herhaald moesten worden.

Nu, op Gods bevel, de doop ingesteld voor degenen, die het Koninkrijk Gods wenschten binnen te gaan in den weg der bekeering. Daarom werd Johannes ook Johannes de Dooper genoemd.

Johannes bereidde in de kracht des Heeren den Messias een wél toegerust volk.

3. Vr. Wat getuigde Johannes de Dooper van Jezusf

Antw. Johannes zeide: „ik doop u wel met water ^ tot bekeering; maar die na mij komt, is sterker dan ik, wiens schoenen ik niet waardig ben Hem na te dragen; Die zal u met den H. Geest en met vuur doopen; wiens wan in Zijne hand is en Hij zal Zijn dorschvloer doorzuiveren en Zijne tarwe in Zijne schuur samenbrengen en zal het kaf met onuitblusschelijk vuur verbranden." (Matth. 3:11, 12).

De ballingschap was als een tweede zondvloed over het volk heengegaan en ja, aan afgoderij heeft Israël zich niet meer schuldig gemaakt, maar het keerde helaas!

Sluiten