Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was) te Kampen gehouden in Juli 1836, om de geschillen uit den weg te ruimen, mislukte.

Ben opstel van Smeding te Assen in het tijdschrift „De Reformatie" over den doop, en eene voorrede van De Cock bij het werkje van I). D. Drukker over den doop, brachten nog meerdere beroering teweeg.

De kwestie van het „zeggenschap der Synode" over de kerkeraden kwam wat later aan de orde door V uil A elzen, destijds predikant te Amsterdam. Deze drukte zóó sterk op onvoorwaardelijke onderwerping, aan al wat de Synode besloot, omdat de Heere door haar spreekt, dat de vrijheid der kerkeraden, om te oordeelen over Synodale besluiten, bijna geheel werd weggenomen.

Ook de „aanvrage om vrijheid van eeredienst" verdeelde de broeders, gelijk wij later zien zullen.

Ondanks deze treurige verdeeldheid, heeft de Heere Zijn werk gewrocht. Menschen kunnen door verkeerde inzichten veel kwaads aanrichten in 's Heeren Kerk ; maar God voert onder dat alles Zijn raad uit. Dat is ook in de geschiedenis der afscheiding duidelijk gebleken.

6. Wat was het gevolg van deze gerezen geschillen ?

Het verschil over de zichtbare en onzichtbare Kerk, en daarmede verbonden het verschil over den doop, deden de noodzakelijkheid eener tweede algemeene Synode blijken, welke in het jaar 1837 te Utrecht gehouden is. Deze Synode verschafte een nieuwe Kerkenordening.

Het was nog in den tijd der vervolging. Dag en nacht stond een schildwacht voor de plaats der tezamenkomst. De 24 leden, die tegenwoordig waren (Budding was door ongesteldheid verhinderd) moesten allen in eenzelfde woning blijven. Knielende deed men gezamenlijk het gebed. Eene aanklacht tegen Scholte ingediend werd ongegrond verklaard. Bizonder is deze Synode bekend om het feit, dat men op aandrang van Scholte eene nieuwe kerkenordening aannam. Dit was ongetwijfeld een onberaden stap. Zij bestond uit 11 artikelen. De Dordtsche Kerkenordening verviel dus.

Dit besluit verwekte grooten tegenstand in de kerken. In Overijsel, Drenthe en Groningen werd de nieuwe Utrechtsche Kerkenordening verworpen. De Cock viel later hij, maar in Overijsel bleven sommige kerken weigeren. Dit was een der oorzaken van het ontstaan der Gereformeerde Kerken onder het kruis".

Sluiten