Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1816 te verwerpen. Evenmin toen als in 1816 werden de kerken in hare rechten erkend.

In Sept. 1851 was de nieuwe organisatie gereed en 23 Maart 1852 werd zij door Willem III goedgekeurd. De inhoud van dit nieuwe reglement was even strijdig met de gereformeerde beginselen als die van het reglement van 1816.

De Gereformeerden zagen zeer goed in, dat deze wijziging hun niets baatte. Zij wilden thans de toevlucht nemen tot andere maatregelen, welke hierna besproken zullen worden.

12. Viel in dezen tijd niet iets voor, dat algemeene opschudding in de kerkelijke kringen veroorzaakte?

Ja; de pauselijke boodschap, waarbij in Holland weder vijf bisdommen werden ingevoerd, veroorzaakte de zoogenaamde „Aprilbeweging,"

Yolgens de bepaling der Grondwet van 1848 was elk kerkgenootschap bevoegd zijne eigen inrichting te regelen. De Hervormde Kerk had van die vrijheid, zooals wij zagen, gebruik gemaakt; maar de Roomschen deden evenzoo. Yolgens een pauselijken brief van 4 Maart 1853 werd de bisschoppelijke hierarchie weder ingevoerd, en opgericht werden: het aartsbisdom Utrecht en de bisdom men Haarlem, 's Hertogenbosch, Breda en Roermond. Dit besluit van den Roomsehen stoel verwekte algemeene ergernis. Yan Utrecht ging een verzoekschrift uit aan den koning om bescherming van de Protestantsche Kerk. Willem III gaf te kennen, dat door deze beweging de banden tusschen het huis van Oranje en het vaderland nog hechter waren geworden. Het Ministerie Thorbecke, verdacht van de Roomschen te ontzien, trad af er werd vervangen door het Ministerie Yan Hall. Desalniettemin werd de inrichting der Roomsche Kerk goedgekeurd. Yele Protestanten trachtten nu door het oprichten van algemeene protestantsche vereenigingen tegen Rome partij te kiezen. De „Nederlandsche Gustaaf-Adolf-Vereeniging" en de „Evangelische Maatschappij'''' werden in het leven geroepen; maar deze vereenigingen waren zóó algemeen van beginsel, dat van haren invloed weinig goeds verwacht kon worden.

Sluiten