is toegevoegd aan uw favorieten.

De kinderdoop

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op den voorgrond. Daarom zegt ook Paulus: „Christus heeft mij niet gezonden om te doopen, maar om het Evangelie te verkondigen."

Maar onze broeders (de kinderdoopers) hebben deze woorden des Heeren omgekeerd, en stellen den doop vooraan, alsof dit de hoofdzaak ware! — „Neen!" zegt gij, „wij doen dat niet; want onze zendelingen handelen ook naar dezen regel; zij verkondigen eerst het Evangelie aan de volken waartoe zij gezonden worden, en doopen dan degenen die het aannemen ; maar, indien er onder deze bekeerden ouders zijn, die jonge kinderen hebben, dan moeten ook deze gedoopt, en der gemeente ingelijfd worden " — Maar ik vraag: Waar heef: u de 1 li ere dit laatste bevolen? Waar is uwe autorisatie tot het doopen van kinderen? Ongetwijfeld niet in dit bevel des Heeren. Eu er is geen ander aangaande den doop! In gehoorzaamheid aan het bevel om gelo'ivigin te doopen, kunnen alleen geloovigen gedoopt worden. Dit is zonneklaar en behoeft geen betoog! Een bevel wordt alleen gehoorzaamd door het stipte volbrengen van het bevolene. Iets anders te doen, is geen gehoorzaamheid, integendeel, een verwerpen en verachten van de autoriteit des wetgevers! l)e koning Saul is hiervan een voorbeeld; lees de geschiedenis in L Sam. 15, en gij zult sidderen bij de gedachte om u op dergelijke wijze aan de overtreding Zijner bevelen schuldig te maken. Hij gaf voor het met eene goede bedoeling gedaan te hebben, maar de profeet antwoordt hem: „Heeft de Heere lust aan braudofferen en slachtofferen, als aan het gi hoorzamen van de stem des Heeren? Zie, gehooizamen is beter dan slachtoffer, opmerken beter dan het vette der rammen. Want wederspannigheid is eene zonde der tooverij, en wederstreven is afgoderij en beeldendienst! Omdat gij des Heeren woord verworpen hebt, zoo heeft Hij u verworpen, dat gij geen koning zult zijn." — Maar hoe vermetel en (iodonteerend is het, om op de plechtigste wijze en in Zijnen naam te doen wat Hij niet geboden heeft! Vooral wanneer daardoor, gelijk in dit geval, het gebod Gods te niet gemaakt wordt!

Maar door hunne handelwijs in de Heidenwereld, bewijzen onze broeders ontegenzeggelijk, dat zij twee doopen hebben, in plaats van een, en wel op hiel tegenovergestelde gronden. Den eenen op grond van bekeering en geloof, en in gehoorzaamheid aan het bevel des Heeren — den anderen in weerwil van dit bevel, op grond van vleeschelijke afkomst, en zonder geloof of gehoorzaamheid bij den doopeling. Den eern n op grond van wedergeboorte, en aan het begin van een nieuw of geestelijk leven — den anderen op grond van vleeschelijke geboorte, en aan het begin van een natuurlijk aardsch leven! Dit kan onmogelijk één doop zijn! Wel hebben onze Dorteche vaderen dit ook gevoeld, eu daarom hebben ze naast het for-