is toegevoegd aan uw favorieten.

Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoo is het dan voor de laatste maal, dat ik hier voor u sta als uw herder en leeraar. Ik ben opgetreden om van u als gemeente afscheid te nemen. Scheiden dost pijn. Ieder mensch ervaart het, als hechte banden verbroken worden. Maar wie zal ze tellen, de draden, ieder op zichzelf misschien fijn, soms schier onzichtbaar, maar tezamen een sterk weefsel, dat de ziel van den evangeliedienaar aan zijne gemeente verbindt? Wie zal zeggen wat zijne ziel ineenkrimpende ondergaat, als dat machtige weefsel haar wordt ontscheurd ?

Ik heb de pijn van het scheiden reeds gevoeld. Hoe lang ook de gedachte aan mijn heengaan voor mij niet veel anders was dan een droom; hoe ook allerlei drukten mij verhinderden dien droom tot werkelijkheid te laten worden; al geloof ik, dat ik uit dien droom pas goed wakker zal worden, als ik ver van u in het Noorden zit, ik heb de pijn van het scheiden reeds gevoeld. Ik heb ze gevoeld, toen mijne verschillende werkzaamheden zoo achter elkander werden afgebroken. Ik heb ze gevoeld, toen een vreemde wanorde haren intocht kwam doen in het huis, waar ik zoovele goede dagen heb mogen beleven. Ik heb ze gevoeld, toen ik bij sommigen van u (gij weet wel, dat ik gaarne bij u allen had willen komen, maar ook dat het bij enkelen blijven moest) kwam en allerlei herinneringen in mij voelde levend worden: hier een ziekbed, daar een sterfbed; hier vermaand, daar getroost; hier met de blijden verblijd , daar met de weenenden geweend; hier met de kinderen gespeeld, daar met de ouden nedergebogen. Ik heb ze gevoeld, als uwe woorden niet vele waren, maar een handdruk of een