Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vrij veel voor, terwijl verschillende mooie Langhans'sche reuzencellen, soms drie of vier bijeen, in de meer oppervlakkige gedeelten van de mucosa worden aangetroffen.

In volgens Ziehl-Neelsen gekleurde praeparaten vallen bij zwakke vergrooting de zeer vele Langhans'sche reuzencellen en hoopjes epithelioide cellen in de oppervlakkige lagen van de mucosa op.

Bij immersie-vergrooting wordt slechts hier en daar in een groepje epithelioide cellen een alleenliggend zuurvast gekleurd fijn staafje aangetroffen, gephagocyteerd in een cel, waarvan de kern nog duidelijk zichtbaar is, terwijl in de duidelijke afgeronde en ovale reuzencellen, met mooie wandstandige bleeke kernen, bijna geen zuurvaste staafjes worden gevonden. In de zeer geringe infiltratie van de oppervlakkige gedeelten van de submucosa en in de subserosa komt geen enkele bacil voor. Verschillende gedeelten dikke darm alsook de ileocoecale klep vertoonen geen voor paratuberculose kenmerkende veranderingen, geen enkel zuurvast staafje wordt hierin aangetroffen.

Mesenteriale lymphklieren:

De klieren vertoonen als gevolg van een matig oedeem een duidelijk verschil van het sinussysteem en het lymphhoide weefsel. Dit laatste bevat in de bast enkele follikels met een groot kiemcentrum. De sinus zijn wijd en vertoonen vooral in het merg een fraai netwerk van uitgespannen reticulumcellen. Vooral in het bastgedeelte en randsinus treft men in de sinus hoopjes van groote bleeke cellen aan, geheel in vorm, kern en kleurbaarheid overeenkomend met de epithelioide cellen in de mucosa van den darm (veranderde reticulumcellen), terwijl ook hier weer — reeds bij zwakke vergrooting — een groot aantal Langhans'sche reuzencellen opvallen.

Bij kleuring volgens Ziehl-Neelsen blijkt het rose gekleurde centrum van de reuzencellen een zeer groot aantal losliggende zuurvaste staafjes te bevatten, terwijl speciaal in het bastgedeelte in de genoemde bleeke cellen verschillende hoopjes voorkomen.

In de kiemcentra van de follikels treft men geen zuurvaste staafjes aan, wel vindt men in de periphere gedeelten van de follikels enkele phagocyten met bacillen beladen, welke dus blijkbaar van de sinus uit in de follikel zijn binnengedrongen.

In de sinus van het merg worden geen zuurvaste staafjes ge-

Sluiten