Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aankleving van dc tong aan het verhemelte hebben waargenomen, hetwelk wij wel nooit gezien hebben , doch waarvan het voorkomen door Levret bevestigd wordt. Dc scheiding dezer aankleving gelukte door het met kracht tusschcn dezelve inbrengen van den steel eens lepels , door welken de tong tegelijker tijd naai'beneden gedrukt werd. Versos is van gevoelen , dat dit slechts een schijnbaar ankyloglosmm, en het gevolg van dorst of droog zijn van de mondholte is. — Mogt bij het doorsnijden van het tongriempje de arteria ranina uit onvoorzigtigheid gekwetst worden, dan moet men ijswater of styptische middelen door middel van kleine stukjes spons of plukselwieken op de bloedende wond leggen. Passende middelen zijn b. v. Thedex's en Bikelli's water , aluinoplossing en kreosotwater; waar deze middelen in den steek laten, moet men de wond met een klein gloeijend ijzer (oeschroeijen.

liet uit de mondholte treden der tong (paraglossa , glossoptosis, oneigenlijk ook tongbreuk, hernia lingua, glossocele, genoemd) is het gevolg van de zonder noodzakelijkheid gedane en te diep voortgezette scheiding van het tongriempje (xliii) , ten gevolge waarvan de tong te bewegelijk, het slikken moeijelijk en de spraak gebrekkig wordt.

Bij het slikken kan het gebeuren , dat het kind de punt van de tong mede inslikt, welke alsdan de luchtpijp sluit, en het kind in gevaar brengt van te stikken. liet buiten den mond treden der long kan echter ook, ofschoon dit zelden het geval is, het gevolg zijn van eene ziekelijke opzwelling , waarbij de punt van de tong van lieverlede al langer en langer wordt. Hebben wij met eene zwelling van de tong te doen , dan is het aanzetten van bloedzuigers raadzaam , door welker aanwending P. Lassds (1) in staat was, eene gedurende drie jaren lang uit den mond hangende tong terug te brengen. Is de kwaal reeds zoo ver gevorderd, dat men van deze handelwijze niets meer verwachten kan , ol is er reeds eene desorganisatie van de tong ontstaan , dan raadt L.\ssos aan, het uithangende stuk tong af te snijden. In den laatsten tijd is, voor zoo ver ons bekend is, dit geval niet voorgekomen. Het inslikken van de tong heeft gewoonlijk bij zuigelingen plaats, wanneer deze, ook zonder aan de borst te liggen, bewegingen van zuigen maken. Ten gevolge van dit ombuigen van de tong ontstaat gevaar van te stikken , hetwelk men daardoor verwijdert, dat men eenen vinger in den mond brengt, en de tong weder naar voren omslaat; bet terugkeeren van dit gevaar voorkomt men wanneer men de kinderen eene dot in den mond geeft, welke slechts in dit geval heilzaam is

8) liet Kikvorschgezwcl (Ranula).

Het Kikvorschgezwcl (ranula, hypoglossis) bestaat in een nu eens langwerpig, dan weder breed gezwel onder de tong (aan eene van de beide zijden naast het tongriempje, of ook wel aan beide zijden te gelijk), hetwelk wit, zelden roodachtig van kleur is , bij het invallen van

(xliii) Dit gebrek kan intussehen ook aangeboren zijn, alsmede door veilammingvan de , de tong bewegende spieren veroorzaakt worden. — Uitvloeijing van speeksel uit den niet gesloten mond , en daardoor le weeg gebragle droogte en dorst maken dit gebrek nog lastiger. Vert.

(1) J. Jrnemann's Allgem. Magazin fiir die Wundarzneiwïssensehaft III. Bd., 2 St. Götlinften . 1802. S. 198.

Sluiten