Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in cenc vermindering der levenskracht in al de stelsels van de kinderlijke bewerktuiging , voornamelijk in de sfeer van den bloedsomloop; leidt van deze de vochtstremming in het celweefsel af, en brengt tevens de stolbaarheid van het uitgestorte serum met de gelijktijdig geringere warmte-ontwikkeling in verband.

Na den dood vonden Paletta , Brescüït en Heyfelder , zoo als reeds opgegeven is , de longen onvolkomen met lucht opgevuld , en als het ware 'in cencn toestand van hepatisatie. Hulme zegt driemaal sporen van ontsleking inde longen te hebben aangetroflen Billard, welke te Parijs 77 gevallen van deze ziekte waarnam , vond slechts in drie gevallen wezenlijke longontsteking, in 34 echter de longen over het algemeen ziek, en wel nu eens met bloed overvuld , dan weder gehepatiseerd. Andere geneeskundigen, zoo als Jaiin , Fleisch-, IIenüe enz., vonden de navelvaten tot barstens toe met zwart bloed opgevuld.

Maakt men eene insnijding in de verharde gedeelten der huid, dan vloeit gewoonli|k eene geelachtige vloeistof weg, die in de koude vloeibaar blijft, in heet water daarentegen even als eiwit stolt. Onderscheidene geneeskundigen , zoo als El. v. Siebold en Pu. Döpp (1), zagen een meer bloederig water wegvloeijen, hetgeen met de kleur van de zwelling schijnt in verband te slaan, en onder het microscoop, zoo als G. Glbge(2) vond, spaarzame bloedlichaampjes vertoonde. Het onderhuidsvet^ is vast en korrelig, nu eens meer licht-, dan weder donkerder-geel, somtijds ook roodachtig van kleur. Volgens Rochoux (3) heeft liet celweefsel een spekachtig voorkomen , en bevat altijd kleine groenachtige ligchaampjes, welke Amiry en Aiivitï met die in het vet van melaatsche zwijnen vergeleken. De watervaatsklieren en de vaten der huid , alsmede die van het darmscheil zijn gezwollen, v. Siebold vond buitendien de lever breijig , de galblaas sterk gevuld, in het c olon adscendens eene vernaauwing, en de maag klein en ineengekrompen. Ook Billard merkte op , dat onder 90 kinderen bij 20 de lever ziek was, en bij 50 het darmkanaal sporen van ontsteking vertoonde. Volgens (>ajiper's opgave zoude men bij de klieving van de verharde wangen, onder de jukbeenderen, op iedere zijde twee aan de scalpel weerstand biedende verhardingen vinden, lan' de grootte eener hazelnoot. Scdüffer zegt tegelijk waterophooping in de hersenen aangetroflen te hebben; zoo ook IIevfelder. I)e spieren hebben eene meer bleeke kleur, als of het spiervleesch langen tijd in water gelegen had; de wanden der slagaders komen geel gekleurd, of ook somtijds, zoo als Heyfelder opgeeft, blaauwaehtig voor. De aderen zijn gewoonlijk met dik zwart bloed tot barstens toe opgevuld , vooral de vaten der lever, en de galblaas bevat eene donkere gal. Ook de sinus der hersenen zijn met zwart bloed overvuld. In de borstholte en in het hartezakje is insgelijks een geelachtig water voorhanden. Seb. Libebali (4) maakt opmerkzaam , hoe strotklepje en stemspleet ge-

(1) Vennischte Ahhandlungen aus dein Gebiet der Heilkunde von einer Gesellschaft prakt. Aerzte in St. Petersburg. V. Samml. Hamburg, 1833.

(2) Analouiiscli-microscopische Untersuchungen. 1859. llcft I.

(3) F. L. Mcissners Encyelopadie der med. Wissenschaften (nacli d. Diet. de Med. bearbeitet). Bd. XII. S. 362.

(4) Nuovi Commentary di Medicina e di Chirurgia, publ. dal Sign. V. L. Br era. Padna, 1818.

Sluiten