Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waaraan de resectie liad plaats gehad, ontleedkundig te onderzoeken, dat de spier door de nieuw gevormde tusschenstof aan het einde der ellepijp bevestigd was. Dit resultaat was ook in overeenstemming met andere kunstbewerkingen te verwachten; zoo zien wij, dat na de exarticulatie der voet volgens Chopart de doorgesneden pees van den m. tibialis anticus door middel van een likteeken weder eene aanhechting aan het been verkrijgt en dien ten gevolge de buigingsbewegingen van het overige gedeelte des voets door de genoemde spier weder mogelijk worden.

RESECTIEN AAN DEN VOORARM EN HET BEEN.

resectio corporis ulnae.

Deze resectie deed ik wegens een gebrek, dat ik vóór noch na de kunstbewerking in staat was juister te onderkennen. Het geval was als volgt. Eene 81 jarige vrouw van het land, Johanne D...z uit Spiekendorf, sedert 2 jaren gehuwd, voor 17. jaar van een kind verlost, met regelmatigen stondenvloed, was vroeger steeds gezond geweest en had slechts dikwijls aan rheumatismus geleden, doch niet in den later lijdenden arm. Vóór ongeveer een half jaar kreeg zij , welligt na eene drukking, pijn aan het bovenste gedeelte der regter ulna, die zich naar het opperarm - spaakbeensgewricht uitstrekte, hierin eigenlijk het hevigst was, en door de vrouw zoodanig werd aangeduid, :lls°f zij zich bij het uitwringen der wasch den arm verdraaid had. Deze pijn was steeds aanwezig, doch het

Sluiten