Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zit, staat en loopt, alles met een geheel normale spiertonusverhouding en coördinatie.

Onderzoekt men zoo'n thalamusdier, dan vindt men dat het, behalve de optische opriehtreflexen bij de thalamus-kat, nog in het bezit is van alle opriehtreflexen, namelijk van:

de labyrinthoprichtreflexen,

de lichaamsoprichtreflexen op het lichaam,

de lichaamsoprichtreflexen op den kop zooals uit het onderzoek van labyrinthlooze thalamusdieren blijkt.

en van de halsoprichtreflexen.

Men bemerkt bij deze dieren geen enkele stoornis in de spiertonusverhouding, noch in de oprichtfunctie.

\\ e zagen verder, dat niet alleen bij thalamuskatten en konijnen de spiertonusverhouding normaal en de bovenstaande opriehtreflexen aanwezig kunnen zijn, maar ook nog bij katten en konijnen waarvan de thalamus, ja zelfs het meest orale gedeelte van het mesencephalon is afgesneden.

Een geheel ander beeld vertoonen echter deze dieren na een dwarse doorsnijding van de hersenen in het niveau, dat gaat door het achterste gedeelte der corpora quadrigemina anteriora en door de hersenstelen achter de uittredingsplaatsen der nervi oculomotorii, dus achter de roode kernen.

Dan zijn de dieren, zooals Sherrington het. eerst aantoonde, geheel stijf en richten zich niet meer uit zjjligging op (decerebrate rigidity).

afb. 170.

Gedecerebreerde kat met ontherseningsstijfheid in zijligging.

Zet men zoo n stijf dier op zijn pooten, dan kan het, waar Sherrington ook het eerst op wees, staan. De stijve extremiteiten kunnen het dier dragen en zakken niet in.

Het staan geschiedt echter met een geheel abnormale spiertonusverhouding. Ook rolt het dier door het geringste duwtje, of bij de geringste beweging, welke het maakt, om en blijft in zijligging liggen. Van een oprichtfunctie is zonder speciaal onderzoek niets meer te bespeuren, deze is practisch geheel opgeheven.

Onderzoekt men zoo'n gedecerebreerd dier, dan vindt men in de eerste

14

Sluiten