Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BEPALING VAN HET GEHALTE VAN MAAGSAP AAN PEPSINE VOOR KLINISCHE DOELEINDEN

Er bestaat, zooals uit het voorafgaande blijkt, geen vaste regel, met behulp waarvan uit de snelheid, waarmede eenige soort van eiwit door een natuurlijk of kunstmatig maagsap wordt verteerd, met nauwkeurigheid het gehalte aan pepsine van een oplossing met betrekking tot dat van een andere kan worden bepaald, indien de met elkaar vergeleken oplossingen van verschillende sterkte zijn. Langs een omweg kan men evenwel dit doel bereiken, door de sterkste van de beide oplossingen zoo veel te verdunnen — er daarbij zorg voor dragend, dat het gehalte aan zoutzuur in beide oplossingen gelijk blijft — dat door beiden, in denzelfden tijd en onder overigens dezelfde omstandigheden, juist evenveel eiwit wordt verteerd- De verdunde oplossing heeft dan hetzelfde gehalte aan pepsine als de andere en uit de mate van verdunning die noodig is gebleken, is terstond af te leiden, hoeveel meer pepsine de verdunde oplossing oorspronkelijk heeft bevat dan de andere. De zeer gevoelige methode van Oriitzner maakt het mogelijk, op deze wijze ook een zeer zwak werkend maagsap met een andere, meer pepsine bevattende oplossing te vergelijken. Om tot eenigszins betrouwbare uitkomsten te geraken, dient men intusschen in aanmerking te nemen, dat uitgeheveld maagsap wel altijd stoffen bevat, die de vertering belemmeren en dus voor het onderzoek steeds met zoutzuur van de gewenschte sterkte dient te worden verdund.

Deze weg is echter, omdat het noodig is een aantal proeven, met verschillende verdunningen te nemen, omslachtig en tijdroovend en daarom voor toepassing in de geneeskunde weinig geschikt.

Men is echter bij het klinisch onderzoek gewoon, zich met een mindere mate van nauwkeurigheid dan bij streng scheikundig onderzoek wordt vereischt, tevreden te stellen. De schommelingen, die in de scheikundige veranderingen in het menschelijk lichaam plaats vinden, zijn zoo groot en hangen van zoovele onberekenbare omstandigheden af, dat meestal alleen belangrijke verschillen van waarde worden geacht bij de beoordeeling van de waargenomen afwijkingen. Zoo is het ook met betrekking tot het gehalte van het maagsap aan pepsine. Wanneer b. v. het uitgehevelde maagsap van een patiënt met dat van een gezonden mensch wordt ver-

10

Sluiten