Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maken? Waarschijnlijk niet. Wij zagen boven, dat de atypische kamercontracties telkens zoo snel op de typische volgen, dat zij slechts kleine arterie-polsen doen ontstaan. Maar tegelijkertijd vormen deze snel intredende contracties een beletsel voor de vrije strooming van bet bloed van de voorkamers naar de kamers. Want deze laatste beginnen zich reeds te contraheeren, voordat de voorkamercontractie geheel ten einde is. En de aldus alterneerend ontstaande bemoeilijking van den bloedstroom moet een alterneerende druk verhooging in de venae, bijgevolg een alterneerenden venapols doen ontstaan.

De toppen der vena-golven, die in de figuuur met a zijn aangegeven, hebben onderling zoo goed als gelijke afstanden, hetgeen bewijst dat de venae regelmatig hebben geklopt. Ook uit het E. K. G. kan hetzelfde bewijs worden geput met behulp der P-toppen. Het interval tusschen P en a is in onze figuur gelijk, nl. 2,7 schaald. = 0,054 sec.

Van het kamermechanogram merken wij op, dat in de eerste zeven systolen hier ook alternatie aanwezig is. Verder dat het interval tusschen elke liooge drukverheffing en de daarop volgende lage ongeveer 0,30 sec., het interval tusschen een lage verheffing en de daarop volgende hoogere ongeveer 0,31 sec. bedraagt. Het verschil tusschen de beide intervallen is slechts 0,01 sec Vergelijken wij dit met het verschil, dat tusschen de intervallen van de E. K. G. bestaat, dan merken wij op, dat beide bedragen niet met elkaar overeenkomen. Dit verschijnsel wordt veroorzaakt door de omstandigheid, dat de kamerdrukverheffing betrekkelijk snel, — en wel na 0,06 sec., — op ieder typisch kamer-E. G. volgt, terwijl er een tijd van 0,014 sec. verloopt tusschen het

Sluiten