is toegevoegd aan uw favorieten.

Over de werking van alkaloïden op het oog, in verband met eenige eigenschappen van het kamervocht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vaarden, zoo ook niet de verdere uitwerking dezer gedachte door Copeland en Hatton 1).

Deze onderzoekers veronderstellen eveneens, dat de hydrolytisch gedissocieerde base sterker werkt dan de electrisch gedissocieerde. Zij nemen daarbij aan, dat de laatste sneller in de circulatie wordt opgenomen dan de eerste en daardoor locaal minder effect heeft.

Als gevolg van hun veronderstellingen hebben de schrijvers boraten van verschillende alkaloïdbasen gemaakt, aannemende, dat deze de sterkste anaesthetica zouden vormen.

Een nader onderzoek 2) heeft echter aan 't licht gebracht, dat we deze veronderstellingen niet voetstoots mogen aannemen, en er vooralsnog geen direct verband tusschen anaesthetische werking en permeabiliteit van hydrolytisch gesplitste zouten gelegd mag worden.

Wil men niet verder gaan dan de proefondervindelijke feiten, dan zal men er wel degelijk aan moeten vasthouden, dat door de opgeloste alkalizouten, in de weefsels zoutzure verbindingen worden ontleed en de moeilijk oplosbare basen gedeeltelijk worden neergeslagen.

Yoordeelig is het dus — daarin zijn we het met de zooeven gemelde schrijvers eens — om het

') Copeland and Hatton, The Borocaines. Brit. Med. Journal, 1925, II, pag. 547.

2) Zie de schrijvers, geciteerd op pag. 34.