is toegevoegd aan uw favorieten.

De ziekten van hart en bloedvaten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deze spierbrug ontgaan en pas veel later is dS" gewichtige functie van deze verbindende vezels, door Gaskell blolcvezels genaamd, den physiologen en klinici duidelijk geworden.

De spiermassa van de boezems bestaat uit een oppervlakkige laag circulaire vezels, die zich rondom beide boezems slingert en dus beide boezems gemeenschappelijk omvat. Daaronder ligt een tweede laag, bestaande uit verticaal verloopende vezels, die ontspringen en insereeren aan den annulus fibrosus. Door deze diepere laag wordt ook het septum tusschen de beide boezems gevormd. Eindelijk zijn er speciale circulair verloopende vezels, die rondom de inmondingsplaatsen van de groote venen liggen. De spiermassa van de boezems is op sommige plaatsen zeer dun. Hier en daar wijken de vezels uiteen, zoodat op die plaatsen het viscerale blad van het pericard en het endocard bijna direct tegen elkaar liggen.

De spierlaag van de kamers is nog ingewikkelder. Een oppervlakkige laag gaat in schuine richting van den annulus fibrosus naar beneden en dringt aan de punt van het hart door de geheele dikte van den spierlaag heen. Dan verloopen deze vezels weer terug van de hartpunt naar den annulus fibrosus, maar thans als een diepe spierlaag. Hierdoor wordt dus een oppervlakkige en een diepe laag van spieren gevormd. Tusschen deze beide lagen verloopt een dikke circulaire spierlaag. Evenals de wand van de kamers bestaat ook het septum uit 3 spierlagen.

De circulaire vezels van de kamers, die vlak onder den atrioventriculairen bindweefselring liggen, hebben een bijzonder belangrijke functie. Bij de systole immers contraheeren ook deze circulaire vezels. Hierdoor wordt de atrio-ventriculaire opening tijdens de systole kleiner en wordt de taak van de mitraal- en tricuspidaalkleppen, d.w.z. het sluiten van de opening tusschen boezems en kamers, aanzienlijk vergemakkelijkt. Voor het begrijpen van bepaalde pathologische toestanden heeft deze anatomische verhouding groot belang: men denke slechts aan de functioneele insufficiënties der kleppen.

De binnenste spierlaag van de kamers is niet glad, doch vertoont overlangs verloopende verheffingen, zoogenaamde trabeculae. Bovendien ontspringen van uit den wand der kamers de bekende