is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandeling over graviditas tubo-uterina, naar aanleiding van een waargenomen geval

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

joulin vermelden eene dergelijke' zitplaats der placenta bij normale zwangerschap. Ook Valenta (j) (in zijne Pathologie der Nebeneitheilé) maakt hier volstrekt geene melding van.

Welke groote uitzetting moet niet de tuba in het geval van laugier gehad hebben, om een voldragen kind te bevatten! Alleen rokitansky stelt, in tegenspraak met de meeste waarnemers, dat de graviditas tubo-utcrina veel zeldzamer en veel later tot verscheuring en verbloedingen aanleiding geeft, dewijl de uterus - wanden door hypertrophie der spierbundels eene aanzienlijke dikte verkrijgen : hierbij haalt hij een voorbeeld van eene zoodanige zwangerschap aan die 16 maanden geduurd had, en waarbij de overrijpe vrucht door de laparatomie verwijderd werd (2). — Dit geval is zonder twijfel eene uitzondering op den regel; want in alle die gevallen, waarvan de afbeeldingen mij bekend zijn, was de uterus-wand zeer uitgerekt en verdund en duurde de zwangerschap zeer kort. Eene zoodanige graviditas tubouterina als laugier beschrijft en die scanzoni allerbelangrijkst noemt, waarbij de vrucht door den uterus geboren is, zoude eenig zijn; zoodat ik het waag, ook dezen casus tot de twijfelachtige van onze soort van zwangerschap te brengen.

Hey of Leeds (No. V) vond bij de lijkopening een grooten zak bevattende een goed gevormd foetus, welken zak hij voor de verwijde regter tuba hield; de streng liep door een naauw kanaal naar een kleineren zak, die volgens hem de uterus moet geweest zijn, eu waarin de placenta aangetroffen werd; de wanden van dezen kleineren zak waren dunner dan die van den vruchthouder : de eiviiezen, die de uterus holte bekleedden, liepen door naar de blaas die het foetus bevatte. Overigens was er in de uterus-wanden geen likteeken te zien. \ oor mij is dit verhaal zeer onduidelijk. Hoe was die verwijde tuba met de uterusholte verbonden ? door een naauw kanaal, waarin de streng liep ? en hoe liepen de vliezen van den uterus naar die verwijde tuba? ook door datzelfde naauwe kanaal? Zoude hey dit als een gedeelte der tuba beschouwd hebben, die aan haar abdominaal einde zoo verwijd was dat zij de geheele buikholte vulde ? dan zoude het eene graviditas tubaria geweest zijn. Maar hiertegen strijden de zitplaats der placenta in den uterus, en eene grootte van den vruchthouder die nooit bij graviditas tubaria wordt aangetroffen. Ook kan de casus niet tot onze soort van buitenbaarmoederlijke zwangerschap behooren , want de placenta zat in de uterusholte. ^ erder vind ik het verwonderlijk, dat de wanden van den vruchtzak dikker waren dan die van den uterus. — Misschien is dit geval een voorbeeld van graviditas abdominalis primaria geweest, waarbij de vruchtzak door brides, die als gevolg van herhaalde ontstekingen der omliggende ingewanden, zoo als van het buikvlies, bij dergelijke gevallen niet zeldzaam worden aangetroffen, in twee afdeelingen verdeeld was. Dat men zich gemakkelijk bij zulke gevallen waar veel adhaesiën worden waargenomen, in de organen kan vergissen, heeft onlangs holst nog aangetoond van behse's beschrijving O- — Mogen campbell en op zijn voetspoor hüter en busch dit geval van hey tot graviditas tubonterina brengen — ik kan om de bovengenoemde aanmerkingen hier niet mede instemmen, en rangschik het onder de twijfelachtige casus.

(') Monaischr. fur GeiurtsJc. 1866. XXVIII pag. 385. Ook blijkt uit de monographie van asciiern, dat deze bij het opsommen van les verschillende oorzaken van Einsackung der Nachgelmrl onkundig was van de strictuur bij de ostia der tubae Fallopianae. Cf: II, asciiern über den Silz der Placenta in den Muttertrompeten. Wurzlurg 1841. pag. 34.

(2) Rokitansky , Handb. der Paihol. anat. II, pag 584.

(3) Hij zegt: „ Nach diesem Befunde ist behse nicht bcrechtigt den Sack fiir den erweitertcn Eikiter zu halten." Holst, Beiiriiye zur Gynaekologie 1S65, pag. 59.

4