is toegevoegd aan uw favorieten.

De rioolkwestie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

landbouwkundig oogpunt zoo verwerpelijke project, om faecale stoffen, huis- en regenwater door een en hetzelfde rioolstelsel af te voeren, ook uit een financieel oogpunt geheel onraadzaam.

Aangaande deze mijne nadrukkelijke veroordeeling van dat plan, vergun ik mij nog een woord, en dat is 0111 ernstig te betuigen hoe uiterst onaangenaam het mij geweest is het ontwerp van een anderen bouwkundige dusdanig te beoordeelen, vooral onder de omstandigheid dat mijn project in zekere male mededinger van het zijne geworden is. Niet alleen dat zulks een zeer ondankbaar werk is, maar omdat men dan den schijn krijgt van de plannen van zijn mededinger te willen ondermijnen. Ik moet daarom bekennen, dat ik lang geaarzeld heb de bezwaren tegen het plan van den GemeenteArchitect aan te wijzen; en alleen de overweging dat hier geen sprake was van het belang van hem of van mij, maar van dat van 's Gravenhage, deed mij daartoe besluiten. Maar daarbij heb ik mij er een waar genoegen van gemaakt aan te vangen (zie bladz. 8 tot 13) met het betoog dat de zwarigheden tegen zijn project hem niet bekend waren en niet bekend konden zijn, daar de boeken en rapporten waaruit zij blijken, nog niet verschenen waren. (J) Schoon mij zulks de taak eenigzins verzachtte, bleef het evenwel uiterst onaangenaam — maar het was onvermijdelijk om de volgende redenen :

Ten einde de beginselen waarop mijn ontwerp berust verstaanbaar uiteen te zetten, was het een eerste vereischte bloot te leggen de schadelijke gevolgen van het ontlasten van excreta in de stads riolen. Zoolang nog eenige twijfel bestond omtrent de nadeelen daaraan verbonden en men geloofde, dat «deze zoo erg niet zijn,» dat «zulk een plan ook wel zijne goede zijde heeft,» dal «men er zich in andere plaatsen wel bij be-

(1) De uitvoerige verklaringen ten opzigte daarvan door mij aau ZEd. in September 1866 gegeven, schijnen geheel over het hoofd gezien of vergeten geworden te zijn; waarschijnlijk door overvloed van werkzaamheden.