Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nadat cleze beide infectieziekten zijn buitengesloten, zal men zich afvragen of er een angina Vincenti kan bestaan.

Hierbij zijn witte plekken op de tonsillen aanwezig, en treden soms vrij diepe ulcera op, die met witte en gele exsudaatmassa's bedekt zijn. Men herkent dezen vorm met zekerheid door een mikroskopisch praeparaat van het afschrapsel van de tonsil met verdunde carbolfuchsine te kleuren (zie: stomatitis van Plaut Vincent). Bij de overige vormen van angina kan men moeilijker de oorzaak vaststellen, maar heeft dit ook minder waarde. De moeilijkheid is het gevolg van de omstandigheid, dat de microben, die deze angina veroorzaken ook in elke gezonde keel kunnen voorkomen. Of een angina een uiting van een influenza is, kan men dan ook beter uitmaken door naar andere verschijnselen van de ziekte (catarrh van andere slijmvliezen, infectiebron enz.) te zoeken dan door de keel van het kind nauwkeurig te bezien. Het is reeds uit de beschrijving der verschijnselen af te leiden, hóe men de maligne vormen diagnosticeert, zoodat ik daarheen verwijs.

PROPHYLAXIS.

Voorkomen van besmetting is een der middelen om in een huisgezin, waar de kinderen vaak een angina hebben, het telkens terugkeeren daarvan tegen te houden. Maar men moet met raadgevingen in die richting niet volstaan.

Plaatselijk onderzoek door een specialist worde aangeraden, wanneer een kind vergroote tonsillen heeft, of wanneer het duidelijke teekenen van adenoïden vertoont. Deze zal dan naargelang van bevinden handelen: soms adenoïden verwijderen, die vergroot zijn, soms ook de tonsillen amoveeren of slechts deze klieven en daarbij afgesloten kleine abscesjes openen. Lang niet altijd heeft deze behandeling blijvend succes.

Men moet in vele gevallen trachten, en zal in huisgezinnen, waarvan men weet, dat de kinderen vatbaar voor angina of andere infecties zijn, daarmee reeds bij den zuigelingenleeftijd beginnen, om door verandering van de voedinq het gestel van het kind zoo te beïnvloeden, dat de vatbaarheid verminderd wordt. Men zie hiervoor de voeding bij exsudatieve diathese (deel I, blz. 468).

Bovendien worden voor deze kinderen voorschriften gegeven omtrent frissche lucht in woon- en slaapvertrekken, vermijden van stof opjagen, thuis houden, als het buiten stuift, en moet vaak worden aangedrongen op een langdurig zomerverblijf in boschrijke streek of aan het strand van de zee.

Sluiten