Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mon ziet dan, hoe de zenuwcel omgeven is door een hof, waar doorheen fibrillen-bundels trekken haar de grondstof der substantia grisea centralis. De hof zelf wordt omzoomd door talrijke kleine celkernen (a). De axoon (b) ontspringt uit een flinken ascvlinderheuvel (c) als een stevige fibrillenbundel, die zich langs de periferie der cel ontbundelt in een het celprotoplasma omgevend vlechtwerk van fibrillen (d). Dit vlechtwerk hangt samen met het uiterst fijnmazig netwerk van fibrillen, dat in het eigen-

Fig. 200.

Normale cel uit den nucleus mesencephalicus eener kat.

Thioninepraeparaat na alcoholharding (96°/0).

Letters als in fig. 201.

lijke celprotoplasma wordt gevonden (g). Daartusschen zijn uiterst fijne korreltjes van chromatopliile stof ingebed.

Deze bouw komt volkomen overeen met dien van sommige cellen uit de sympathische halszenuwknoopen. Meer bepaald heeft Cajal die cellen beschreven als cellen met korte dendrieten en hen bijv. in fig. 565 van zijn groote werk afgebeeld.

Onder de eigenschappen, die deze cellen bezitten, behoort ook die, dat zij zich in tweetallen of drietallen tot glomeruli vereenigen, die dan hun fibrillen onderling kunnen uitwisselen, maar ieder hun eigen axoon rijk zijn.

Sluiten