Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de degeneratie in den radix ventralis N. VIII niet volkomen is, en het corpus trapezoides niet zichtbaar is verwond geworden. In fig. 258 en fig. 259 zijn ietwat scheeve doorsneden door de medulla oblongata van een konijn afgebeeld, 17 dagen nadat zulk een operatie is verricht.

In fig. 258 ziet men de vezels van den N. cochlearis (r. dors. N. VIII) allen of nagenoeg allen ontaard. Tevens vindt men de dwars doorsneden vezelbundels in den nucleus ventralis N. VIII allen in degeneratie. Zij behooren dus tot de wortelvezels en de nucleus ventralis N. VIII behoort dus, zoover de Marchi-methode een oordeel toelaat, degelijk tot de primaire kernen van den N. octavus. Wel heeft het den schijn alsof in de mediodisto-ventrale afdeeling van die kern het aantal ontaarde vezels in de vezelbundels grooter is dan die, welke gevonden worden in haar proximolatero-dorsale afdeeling. In die bundels kunnen dus nog andere vezels dan wortelvezels voorkomen.

De gedegenereerde vezels zetten zich vervolgens voort in de vezellaag die lateraal tegen de area ovalis corporis restiformis aanligt en van daar in de stria acustica van Monakow. (zie ook fig. 261).

Van die vezels straalt een groot aantal fijne en gedegenereerde vezels, collateralen, uit in het tuberculum acusticum. Hun degeneratie geeft aanleiding tot een bestuiving met uiterst fijne M archi-korrels van het middengedeelte dier kern. De oppervlakte ervan blijft vrij van degeneratie. Dientengevolge (fig. 258, str. pr. tub. ac. en fig. 261.) kan men daarin onderscheiden le. een diepe laag, het stratum profundum tuberculi acustici, waarin de stevige ontaarde wortelvezels liggen, 2e. een middelste laag, het stratum mediale tuberculi acustici dat de fijne instralende takjes der wortelvezels opneemt en 3e. een buitenste laag, hét stratum superficiale tuberculi acustici, dat van degeneratie vrij blij ft.

Overigens kon men die lagen ook in het normale vezelpraeparaat onderscheiden (fig. 256) en het resultaat der degeneratie-metliode komt dus overeen met hetgeen daar werd gevonden. Ook het tuberculum acusticum behoort tot de primaire kernen van den N. cochlearis.

Maar er is nog meer. Een deel der ontaarde vezels verlaat de lateraal op de area ovalis rustende wortelstraling in mediale richting. Bundelsgewijze doorbreken zij dit veld (fibr. rad. ventr. N. VIII fig. 258) en voegen zich bij de gedegenereerde vezels, die van hooger niveau gekomen, zich verzameld hebben in het dwars doorsneden vezelveld, dat ons reeds bekend is als tractus descendens N. VIII.

De gedegenereerde dorsale wortelstraling zet zich dan voort in de stria acustica en men kan, in afnemend aantal, de gedegenereerde vezels volgen in de stralingen waarin zich die bundel oplost en die ook in het normale vezelpraeparaat gevonden worden. Zij gaan dus over, zoowel in de dorsale als in de intermediaire (secundaire) octavusbanen, als in den nucleus triangularis. Laatstgenoemde is overal met degeneratie-producten bedekt, iets wat echter afhangt, zooals straks zal blijken van de degeneratie der ventrale wortelstraling.

Sluiten