Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het gering aantal cellen, dat na die operatie in de lemniscuskernen verdwijnt, maakt het waarschijnlijk, dat centripetale vezels naar den achtersten heuvel niet in de eerste plaats verantwoordelijk konden zijn, voor het geduchte vezelverlies, dat nabij de wond in den lemniscus gezien wordt.

Reeds vroeger, bij de bespreking van het optisch zenuwstelsel, werden centrifugale wegen, die uit den voorsten heuvel van het mesencephalon ontspringen, beschreven. Toen werd uiteengezet (Deel I, blz. 61, tig. 30 en tig. 31), dat er na operaties in den colliculus anterior, door M a r c h i-degeneratie drie centrifugale banen zichtbaar worden. Onder den naam van tecto-pontine, tecto-reticidaire en tecto-bulbo-spinale (fasciculus praedorsalis) banen, werden zij daar beschreven.

Hier is de plaats om daarop terug te komen. Want zij ontspringen niet alleen uit den voorsten heuvel. Ook de Lange heelt er op gewezen, dat beide heuvels vezels in die stelsels afgeeft.

De twee eerstgenoemden moeten hier nader worden bezien, omdat zij direct de secundaire octavusstelsels raken.

In fig. 290 is daarom de M a r c li i-degeneratie geteekend, die ontstaat, als de achterste heuvel alleen, bij sparing van den voorsten en dan nog alleen oppervlakkig, vernietigd wordt. Van de doorsnijdingsplaats (bij fig. 290. A. x) gaan een groot aantal gedegenereerde vezels uit, die naar het ventrale mergveld van die kernen convergeeren en zich in den lemniscus lateralis voortzetten. Men kan er gemakkelijk twee stelsels in onderkennen.

De lateraal gelegen bundel, de tecto-pontine baan, loopt in het veld van den ventro-lateralen bundel van den octavo-mesencephalen weg. Zij ligt aan de oppervlakte van den lemniscus lateralis (fig. 290 A), lateraal van den nucleus dorsalis lemnisci en geeft er vezels aan af. Enkele van haar vezels gaan nog over in den nucleus ventralis lemnisci. Dan echter is zij ten einde.

Verder dan de ventrale lemniscuskern reikt de tecto-pontine baan niet. (Fig. 290. B.)

De mediaal geplaatste gedegenereerde vezels, de tecto-reticulaire baan (fig. 290. A, B, C.) loopt in den dorso-medialen bundel van het octavo-mesencephale stelsel. Zij loopt mediaal van den nucleus dorsalis lemnisci, geeft er ook veel vezels aan af. Voorts ligt zij dorsaal van den nucleus ventralis lemnisci, voorziet ook deze kern van vezels, maar dan loopen de gedegenereerde vezels verder in distale richting in den mergmantel van de nuclei olivares superiores en men kan hen tot in deze kern en in den nucleus trapezoides medialis nog volgen. (Fig. 290 C.). Het defect was te oppervlakkig om ook de tecto-bulbaire baan, de fasciculus praedorsalis tot degeneratie te dwingen. Op die baan wordt later bij de bespreking der vertibulaire kernen teruggekomen.

Het bestaan dezer banen maakt het begrijpelijk, waarom er in de ingeschakelde kernen, zooveel vezels verdwijnen, hoewel het celverlies daarin zeer gering is, wanneer de colliculus posterior verwijderd wordt.

Sluiten