Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het vezelstelsel, dat door de roode kern heenloopt en bij degeneratie naar het distale einde van de ventrale thalamuskern te vervolgen is, werd bij het konijn in fig. 315 afgebeeld. Van die kern ontspringt dan de thalamo-parietale straling, welke onmiddellijk proximaal volgt op de radiatio geniculo-parietale.

De vezels, die uit de roode kern ontspringen, loopen ten deele onder den thalamus door en maken later te beschrijven verbindingen met hypothalamus, striatum en frontale windingen.

Al deze uit het cerebellum langs den bindarm gekomen cerebellocerebrale verbindingswegen zijn in schema fig. 339 even aangeduid, omdat zij eerst later in détails kunnen worden onderzocht. Van het cerebellum toch kan eerst later de uitvoerige beschrijving volgen.

In het hier besproken verband is het echter niet mogelijk geheel over die stelsels te zwijgen, zoo min als het mogelijk was, toen het proprioreceptieve zenuwstelsel in engeren zin behandeld werd, geheel buiten de bespreking van het cerebellum te blijven. Want het ontvangt zeer vele secundaire aanvoerende stelsels, uit verschillende zintuigen (proprio-receptieve, otolithen- en booggang-zintuigen).

In Deel I, fig. 165 p. 355 werd opgemerkt, dat er in de eerste plaats talrijke proprio-receptieve wegen heen gaan.

Als hoofdwegen werden toen genoemd:

le. De dorsale spino-cerebellaire baan, een ongekruiste bundel uit de zuilen van Clarke der thoracale segmenten naar den vermis cerebelli. Deze baan werd beschouwd als de geleider van proprio-receptieve impulsen uit de romp-musculatuur.

2e. De ventrale spino-cerebellaire baan, een bundel grootendeels uit de cervicale zwelling afkomstig, eveneens naar den vermis cerebelli. Ook deze bundel geleidt waarschijnlijk proprio-receptieve impulsen welke vooral uit de proximale spiergroepen der extremiteiten en uit de rug-musculatuur der cervicale segmenten naar de kleine hersenschors worden toegeleid.

Maar van de beide bundels laat de plaats der oorsprongskernen in de pars intermedia der medulla spinalis de mogelijkheid open, dat langs hen ook intro-receptieve impulsen kunnen worden geleid.

3e. De olivo-cerebellaire en tegmento-cerebellaire banen, gekruiste en ongekruiste bundels, jonger dan de beide eerstgenoemden. Wat bij den mensch tot hoofdkern van de oliva inferior is geworden, zendt de vezels uitsluitend naar de schors der kleine hersen-hemisphaer.

Wij weten niet nauwkeurig genoeg welke toevoerwegen de oliva inferior uit de medulla spinalis ontvangt. Vermoed mag echter worden, dat b.v. langs de driekante baan van Heilweg spinale vezels naar die kern worden geleid, die zoowel proprio-receptieve impulsen als intero-receptieve impulsen kunnen aanbrengen.

Nu leert echter de ervaring, dat oppervlakkige schorsbekleeding van het cerebellum (zonder verwoesting der cerebellaire kernen) geen aanleiding

Sluiten