Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omvang (fig. 384 Li.). Dan ziet men tevens, dat een vrij diepe groeve, de sulcus postlingualis (fig. 384 s. p. li.), het tongetje van het caudaal eerstvolgende

Fig. 384.

Ondervlakte der mensohelijke kleine-hersenen. br. conj. = brachium conjunctivum. br. pont. = brachium pontis. c. re. = corpus restiforme. Ce. = lobulus centralis. Al. I. ce. = alae lobuli centralis. Fl. = flocculus. Li. = lingula, L. q. a., L. q. p. = lobulus quadratus anterior en posterior, L.sl.s., L.l.i. = lobulus lunatus superior en inferior. L. bi. = lobulus biventer. No. — nodulus. Py. = pvramis. S. inf. a. en s. inf. p. — sulcus inferior anterior en posterior. S. h. = sulcus horizontalis magnus. s. p. li. = sulcus postlingualis. s. p. c. — sulcus post centralis (praeculminatus). s. sup. ant., s. sup. p. = sulcus superior anterior en posterior, To. — tonsilla. Uv. = uvula. v. m. a. en v. m. p. = velum medullare anticum en posticum.

lobje scheidt. Tevens merkt men op, dat die in den worm vrij diepe groeve (fig. 384 tusschen Li. en Ce.), ook eenigermate in de hemispheren te herkennen is, als een inzinking, die naar het velum en het brachium conjunctivum toe loopt. Op de hemispheer wordt dus een smal stukje cerebellum, het vinculum lingulae, (fig. 384) van de rest afgescheiden. Het op de Lingula in de sagittale doorsnede caudaal volgend, van haar door den sulcus post-lingualis gescheiden lobje, draagt den naam van lobulus centralis (fig. 383 Ce., 384 Ce.). Caudaal er van ligt weer een diepe groeve, de sulcus postcentralis (fig. 384 s. p. c.). Ook deze groeve snijdt zijdelings op de hemispheer in, convergeert met den sulcus postlingualis. Tusschen beide in vindt men de alae lobuli centralis (fig. 384 al. 1. Ce.), het hemispheren-stuk, dat bij den lobulus centralis vermis behoort. De top van dit lobje kan men eveneens

Sluiten