Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

keurig doelmatig ingestelde, plotselinge bewegingen, slechts dan naar behooren kunnen worden uitgevoerd, als zij bovendien op elk oogenblik aan elk dier bewegingen is aangepast.

Zulk een grondslag zou liet geheel, waarin het cerebellum functioneert, kunnen geven.

Het wegvallen van dien grondslag wil niet zeggen, dat daarom de spieren atonisch en asthenisch zijn in den zin van Luciani. Magnus en Rademaker hebben aangetoond, dat tonische reflex-instellingen in groot aantal, buiten het cerebellum om geregeld worden.

Ook door het woord „evenwichts-behoud" kan men dien grondslag slechts onvolledig omschrijven. Voor zoover kop, romp en extremiteiten als samengevoegde geheelen daarbij een rol spelen, mag dit woord gelden. Voor de spraak schiet het reeds te kort.

Spreekt men met E d i n g e r van „statotonus", dan komt het telkens wisselende in die functie, bij de veranderlijke beweging, niet genoeg naar den voorgrond. Neemt men alleen de functie evenwichts-behoud in het oog, dan ontmoet men een functie, bepaald door zeer verschillende omstandigheden, als gewoonten en levenswijze van het dier, welke voor elk afzonderlijk geval den eisch stelt van afzonderlijke componenten in de telkens bijzonder gedetermineerde reflex-combinaties, door het ééne dier langs dezen, door het andere dier langs genen weg verkregen. Vandaar al de buitengewoon sterke variabiliteit der kleine-hersenen bij de gewervelde dieren.

Een gelukkige classificatie van de meest belangrijke reflex-combinaties bij zoogdieren met verschil in levenswijze, was het uitgangspunt van B o 1 k's gedachtengang. Dit vruchtbare beginsel door hem doorgevoerd om de vorm-variaties van het cerebellum om bepaalde middelpunten te groepeeren, stelde hem in staat uit het geheel een morphologische kern los te maken, die juist of niet juist mag zijn geweest, maar die in elk geval gevoerd heeft tot talrijke nieuwe onderscheidingen, onder welke in de eerste plaats die van een oud-cerebellum naast een nieuw-cerebellum van belang is. Wil men echter eenig inzicht verkrijgen in de wijze, waarop het mogelijk is, dat een samengesteld orgaan als het cerebellum de samenvoeging kan bewerkstelligen van reflexen, die elders al zijn geconstitueerd, dan moet men een nauwkeurige kennis bezitten van den fijneren cel- en vezelbouw van dit orgaan.

Dan eerst zal men een indruk meenemen, dat het buitengewoon bezwaarlijk moet zijn, een strenge ordening te brengen in het spel der voor den meest eenvoudigen vorm van evenwichts-behoud noodzakelijk samenwerkende bewegings-mechanismen.

Dan zal tevens blijken, dat een ordening ondenkbaar is, waarbij het cerebellum, met uitzondering van andere onderdeelen van het centrale orgaan (mesencephalon, striatum, cortex) in dit spel zou ingrijpen. Het cerebellum doet het op eigen manier, maar is bij de regeling van dit spel aangewezen op de hulp van een groot aantal neven-organen, van de hersenschors af tot het ruggemerg toe. Het is in staat om compenseerend in te grijpen bij functie-

Sluiten