Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op alle doorsneden door de zieke Varols-brug zijn, beiderzijds even -sterk, de medio-ventrale kerngroepen, zoowel de ventrale kern als de para-mediale kern in sterke mate geatrophiëerd en de niet afgebeelde helft van het geopereerde dier is geheel gelijk aan die, welke werd afgebeeld.

De verkleining berust ten deele op vezelverlies. Beiderzijds zijn de meest ventrale vezels der brugge-armen weggevallen en men ontmoet ook dan de afplatting en de inzinking in de middellijn, die kenmerkend is bij deze atrophie der ventro-mediale kernen.

Tevens echter staat vast, dat in die kernen boven alles een omvangrijk celverlies heeft plaats gevonden. In fig. 483 zijn thionine-praeparaten weergegeven, afkomstig van hetzelfde dier (fig. 483 B) met mediale cerebellumsplijting en vergeleken met thionine-praeparaten in dezelfde richting van een normaal konijn (fig. 483 A). Zij treffen de V a r o 1 s-brug beide in het middelste derde deel tusschen B1; Cx en B2, C2 van fig. 482.

Het is niet twijfelachtig, dat in de disto-ventro-mediale afdeeling der ventrale kern en in de para-mediale kern, wel niet alle cellen verdwenen zijn, maar dat het celverlies zeer groot is.

Streng genomen, bewijst het gevolg der mediale cerebellum-splijting niet anders dan, dat de ventro-mediale kernen hare vezels uitzenden naar het cerebellum en dat die vezels, eer zij de schors bereiken, zich in de cerebellaire middellijn kruisen, alvorens haar einde te vinden. De peri- en intrapedunculaire kernen, de laterale kern en de reticulaire kern (over de dorsolaterale kern is twijfel mogelijk) zenden geen, zich in het cerebellum kruisende vezels uit, want de mediale klieving deert hen volstrekt niet.

Overigens kan men zich de beteekenis van dit experiment verschillend voorstellen:

le. Men kan zich denken, dat de gekliefde vezels afkomstig zijn uit de contra-laterale ventrale kernen, die zich nogmaals kruisen in de middellijn, nadat zij in het cerebellaire merg zijn gekomen en langs dien omweg lateraalwaarts doorloopen.

2e. Men kan zich denken, dat de doorsneden vezels uit de gelijkzijdige kern zijn ontsprongen, zich kruisen in de cerebellaire middellijn, om zijdelingsche kleine-hersengebieden te bereiken.

Beide voorstellingen, ofschoon niet zeer waarschijnlijk, zouden vereenigbaar zijn met het resultaat van dit experiment.

Intusschen zijn er talrijke gronden, om deze onwaarschijnlijke en gezochte verklaringen minder aannemelijk te achten, dan een andere zeer voor de hand liggende en zeer eenvoudige voorstelling. Zij onderstelt, dat de zich in de cerebellaire middellijn kruisende vezels, alle afkomstig zijn uit de medio-ventrale kerngroepen der gelijkzijdige ventro-mediale brugge-helft. De cellen dezer kerngroepen zouden hare axonen zenden door den gelijkzijdigen brugge-arm, om in den vermis cerebelli te eindigen, deels direct, zonder dat zij zich in het cerebellum kruisen, deels en misschien wel voor een grooter deel na kruising in de middellijn van het cerebellum.

Sluiten