Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het ventro-mediale gedeelte er van is rijker aan cellen (fig. 523) dan het dorso-laterale, zoo zelfs dat men haast den indruk krijgt alsof zij in twee afdeelingen uiteenvalt. De cellen, die haar samenstellen, zijn meerendeels kleine cellen, maar vooral in de medio-ventrale afdeeling (fig. 523) wordt een vrij groot aantal middelgroote cellen gevonden en daarnaast ook enkele groote cellen, die evenwel kleiner blijven dan de grootste cellen der pars magnocellularis der roode kern.

Het blijkt (zie fig. 524), dat in de medio-ventrale afdeeling van den gekruisten nucleus praebigeminalis een groot aantal dezer middelgroote cellen verdwenen zijn, zoodat er slechts kleine cellen en hier en daar een groote cel zijn overgeschoten.

Maar niet alleen dit is in het oog vallend. De doortrekkende vezelbundels, die het frontale merg der roode kern doorboren of omvatten, schijnen in fig. 524 veel magerder dan zij, die in fig. 523 werden gevonden.

Nu ligt de beteekenis van het onderzoek van Wallenberg, afgezien van de isoleering van den gelijkzijdigen pallido-tegmentum-bundel, niet in de eerste plaats in het aantoonen, dat caudale thalamus-verwoesting aanleiding geeft tot vezel-degeneratie in het gekruiste rubro-spinale veld, maar bovenal in het aantoonen der continuïteit dezer degeneratie met die in de vezelbundels, welke den frontalen mergmantel doorboren en omvatten en dan dorsaal van het corpus mammillare naar de overzijde oversteken.

Met elkander vormen zij dan zijn thalamo-spinalen bundel, voor welken ik, behalve voor zoover zij een deel is van zijn stria-tegmentalen bundel, in de eerste plaats een oorsprong zoek in den nucleus praebigeminalis en wel in de medio-ventrale afdeeling er van.

Wall e n b e r g's bundel zou dan van daar tot in het rubro-spinale veld der medulla oblongata en spinalis doorloopen, en de meening, dat de nucleus praebigeminalis er den oorsprong aan zou geven, kan in overeenstemming worden gebracht met Wallenber g's uiteenzetting, dat deze bundel ontaardt, als de caudale thalamus-afdeelingen worden vernield, die ventraal en lateraal van de commissura habenularis zijn gelegen.

Wanneer dus het rubro-spinale veld in de medulla spinalis niet alleen zijn oorsprong neemt uit de pars magno-cellularis nuclei rubri, maar overeenkomstige vezels uit meer proximaal niveau, uit den nucleus praebigeminalis ontspringen en op overeenkomstige wijze in dit veld overgaan, dan zou dit belangrijk kunnen zijn voor het in verband brengen van physiologische experimenten bij dieren met pathologisch-anatomische ervaringen bij menschen, waarop eerst aan het einde van dit hoofdstuk kan worden ingegaan.

Want in dit veld moge een rubro-spinaal aandeel bij den mensch in sterke mate gereduceerd zijn, omtrent eventueele toevoegingen aan dit veld (zie ook dit hoofdstuk § 2, e) weten wij nog heel weinig. Ook bij den mensch ligt de nucleus praebigeminalis langs het frontale einde der roode kern en haar frontalen mergmantel.

Sluiten