Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geen der thalamus-kernen bevat echter zoozeer groote cellen, als gevonden worden in den nucleus magnocellularis thalami (n. magnocell. th.). Thans doet die kern zich voor als een smalle band van groote cellen, die dorsaal van de stria medullaris dorsalis thalami ligt tusschen deze mergstreep en de beide afdeelingen van de laterale kern van den thalamus. Deze kern zullen wij om praktische redenen nog tot de laterale kern rekenen. Later zullen wij het geheele kerngebied dat bestaat, uit de twee afdeelingen van de laterale kern, uit alle afdeelingen van den nucleus reticularis thalami en uit den nucleus magnocellularis, samenvatten en behandelen onder den naam nucleus reticulo-lateralis. In deze snede wordt de laterale kern nog altijd opgebouwd uit een dorsale afdeeling (n. lat. th. a) met groepsgewijze geplaatste cellen en uit een ventrale afdeeling (n. lat. th. b.), veel vezelrijker en met grootere cellen.

De laterale en grootcellige kern zijn er gescheiden. Een uitlooper van de stria medullaris dorsalis thalami scheidt de laterale kern af van het tuberculum anterius, waarvan de hoofdkern en de bij kern nog altijd dezelfde plaats en begrenzing hebben, welke in fig. 672 en fig. 686 beschreven werden.

In sterke mate is, vergeleken met de vorige figuur, het mediale en het ventrale gebied van den thalamus veranderd. Allereerst is het ganglion liabenulae bij het konijn zeer groot, ofschoon het nog slechts aan zijn voorpool is geraakt. Het ligt thans naast de taenia thalami (habenula). Men onderscheidt daarin een mediale of kleincellige kern (n. hab. parvo-cellularis) en een laterale of grootcellige kern (n. hab. magnocell.).

Dit ganglion puilt overal, ook met zijn frontale einde, in den derden ventrikel uit. Langs den wand van dien ventrikel volgt dan mediaal de nucleus para-ventricularis of peri-ependymalis, een kleincellige kern, die langs den 3den ventrikel wordt gevonden en overal tegen de ependym-bekleeding van dien ventrikel aanligt. Daar echter te dezer hoogte de thalami van beide zijden door de z.g. commissura cerebri mollis met elkander zijn vergroeid, is de peri-ependymale kern (n. peri-epend.) in twee stukken gescheiden. Een dorsaal stuk dezer kern ligt in den 3den ventrikel en een ander ventraal stuk ervan ligt tegen den ependymalen wand van het infundibulum van dien ventrikel.

De commissura mollis bestaat uit de beide, met elkander vergroeide helften van den thalamus en in dien wand vindt men echter een eigen, onparige kern, die men den naam geeft van de intermediaire thalamuskern of de centrale thalamuskern (n. centr. th.). Hier ziet men die kern als een in de middellijn gelegen ronde kern, met middelgroote cellen. Daardoor is zij goed te onderscheiden van de peri-ependymale kern met zeer kleine cellen.

Tevens echter herkent men een dorsalen vleugel dezer centrale kern, die tusschen de dorsale peri-ependymale kern en de mediale thalamus-kern is gelegen. Evenzoo ziet met het begin van een ventralen vleugel, geplaatst tusschen de ventrale afdeeling der para-ependymale en de mediale kern.

Nadruk moet echter worden gelegd op de thans voor het eerst beschreven

Sluiten