Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als microscopisch; in één geval was er een klein adenoom in de schors, meestal bestond hypertrophie, die voornamelijk de zona fasciculata betrof.

Omdat de tumor van de bijnierschors een ziektebeeld geeft, dat men toeschrijft aan een hyperfunctie van de schorscellen en dat sprekend gelijken kan op het ziektebeeld van het basophiele adenoom — verschillende van de patiënten van Cushing waren geopereerd met de diagnose van bijniertumor — ligt het voor de hand een groot deel van de verschijnselen van het basophiele adenoom terug te voeren op hierbij aanwezige hypertrophie der bijnierschors. Deze kan een gevolg zijn van een door de hypophyse geleverd hormon (zoog. corticotroop hormon), want verwijdering van de hypophyse wordt gevolgd door atrophie der bijnierschors, die kan worden opgeheven door inspuiting van een extract van de voorkwab. Het extract is nog werkzaam als de hormonen voor de geslachtsklieren, voor de schildklier, voor den groei en voor de zogafscheiding eruit zijn verwijderd; dit adrenoof corticotrope hormon veroorzaakt bij dieren met ongeschonden hypophyse een hypertrophie van de zona fasciculata.

Voor de gevallen met normale bijnierschors moet men een vermeerderde functie aannemen zonder hypertrophie, zooals wij ook voorbeelden van m. Basedowi kennen zonder vergrooting van de schildklier. Deze vertoont dan microscopisch de kenmerkende veranderingen van de vermeerderde functie, die ons voor de bijnier onbekend zijn, zoodat wij ons hier niet zoo zeker van onze zaak voelen.

Ook de mogelijkheid van den omgekeerden samenhang verdient overweging, dat dus het basophiele adenoom een gevolg is van de verhoogde bijnierfunctie. Hiertegen pleit het verschil in anatomische afwijking van de bijnieren (normaal, hyperplasie, adenoom) tegenover het constante van het adenoom der hypophyse en het feit, dat ons over veranderingen van de hypophyse bij bij nierschorsgezwellen zoo weinig bekend is, maakt het oordeel moeilijk. Cushing wijst erop, dat bij m. Addisonii de basophiele cellen zijn

Sluiten