Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zesden bundel beschreven) een enkele maal beter reageert op een behandeling met groote doses ijzer en lever, dan met ijzer alléén; in het algemeen is daarvan echter niet veel gebleken. Nog steeds geldt bij dezen vorm van anaemie ijzer als het souvereine middel. Wil men bij deze hypochrome anaemie lever bij het ijzer geven, dan doet men goed, niet alleen gebruik te maken van de gezuiverde extracten, zooals die ons thans in den vorm van campolon of pernaemon ter beschikking staan. Immers uit deze extracten zijn een aantal belangrijke stoffen verwijderd en is vooral een concentratie van het principe tegen de anaemia perniciosa bereikt. Door het werk van Whipple, welke lever bijzonder werkzaam vond bij de chronische verbloedings-anaemie van honden, weten wij evenwel, dat de werkzame fractie bij de regeneratie van deze secundaire anaemie een andere is dan die, waarmede wij de pernicieuze anaemie bestrijden. Gezuiverd, tegen de pernicieuze anaemie gericht, leverextract bleek bij de honden van Whipple onwerkzaam, hoewel deze toch op toediening van de geheele lever vlot regenereerden. Toen vervolgens Whipple een leverfractie bereidde, welke bij zijn honden zeer actief was, bleek deze omgekeerd bij de behandeling van de menschelijke pernicieuze anaemie volkomen onwerkzaam. Dit extract van Whipple komt thans onder den naam van „Lilly's leverextract No. 45" met ijzer in den handel. Wij hebben ons er ondanks herhaalde toepassing niet van kunnen overtuigen, dat deze combinatie bij de secundaire anaemie van den mensch beter werkt dan ferrum reductum of citras ferrico-ammonicus alleen.

De leukaemie gaat soms met een aanzienlijke anaemie gepaard. Zeer vaak berust deze op een verdringing van het erythropoietische beenmerg door leukaemisch woekerend weefsel. In dergelijke gevallen heeft natuurlijk toevoer van lever en ijzer weinig kans op succes. In andere gevallen bleek echter, dat de anaemie op toediening van ijzer en lever goed reageerde, zoodat wij in het algemeen

Sluiten