Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het slagaderlijk en het aderlijk bloed zijn hoofdzakelijk van elkander onderscheiden door de hoeveelheid der gassoorten,

niet groot en waarschijnlijk geconditionneerd door ouderdom, constitutie en voeding. 2 de gewoonlijk als gemiddelde hoeveelheid voor de hloedligchaampjes opgegevcne 127 is te klein. 3. de gemiddelde hoeveelheid filirine 2,2 is lager dan de algemeen aangcnoinene op 3; zij gelooven echter voor de juistheid te kunnen instaan. De invloed van den ouderdom maakt zich hoofdzakelijk slechts kenbaar door cene vermeerdering der cholesterine tusschcn het 30ste en 70ste levensjaar, en bovendien schijnt in het 50—70ste levensjaar het gehalte aan vezelstof iets te verminderen. Ten opzigte van den invloed der constitutie werden gccne merkbare verschillen opgemerkt; evenwel meenen zij uit het onderzoek van pathologische gevallen liet besluit te mogen opmaken, dat bij eene bepaald zwakkere constitutie het aantal der hloedligchaampjes, de hoeveelheid albumirie en daarmede de hoeveelheid vaste bestanddeelen in het algemeen kleiner moet zijn. Eveneens is het met de voeding gesteld ; ook in dit opzigt maken zij uit pathologische gevallen het besluit op, dat het aantal hloedligchaampjes bij eene slechte voeding vermindert, maar de overige stollen slechts weinig. De hoeveelheid cholesterine zou daarbij grooter worden.

Van fle 8 vrouwen, van 22—58 jaren , die deels uit gewoonte, deels wegens plaatselijke hoofdpijn, zonder plethora universalis, aan amenorrhea of eczema lijdende, zich aan eene aderlating onderwierpen, was de constitutie bij 3 sterk, bij de 5 overige goed; de voeding was, zoo als in het algemeen bij werksters, minder krachtig dan bij de mannelijke individuen. Het onderzoek leverde op:

gemiddeld. grootste. kleinste.

digtheid van het bloed 1057,6 10G0 1054

digtheid der wei 1027,4 1031) 102G

water 791,1 773 813

bloedligchaainpjes 127,2 137,5 113

albumine 70,5 75.5 G5

vezelstof 2,2 2,5 1,3

extractiefstoflen en zouten 7,4 8,5 G.2

vetten 1,620 2,860 1

seroline 0,020 0,060 sporen

cerebrine 0,464 0,800 0,250

cholesterine 0,090 0,200 0,025

zeepen . \ 1,046 1,800 0,725

anorganische stoffen.

chloorsodium 3,9 4,0 3,5

oplosbare zouten 2,9 3,0 2,5

aardphosphaten 0,354 0,650 0,250

ijzer 0,511 0,575 0,486

Hieruit blijkt, dat de getallen bij de vrouw aan grootere speelruimte lijden dan

Sluiten