Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minste | en somtijds bijna de helft uitmaakt. Het slagaderlijk bloed is rijker aan water (1); de onderzoekingen, die ten opzigte van het gehalte aan vezelstof werden in het werk gesteld, gaven resultaten, die elkander tegenspreken (2). Volgens Prévost .en Dumas (5) bevat het slagaderlijk bloed, gemiddeld, nagenoeg één procent van zijn gewigi meer aan bloedligchaampjes dan het aderlijke; de op zichzelve staande analysen vielen intusschen zeer verschillend uit, en het uit de gezamenlijke waarnemingen getrokkene besluit kan onmogelijk juist zijn: want in dat geval moest, zoo als Berzelius daartegen heeft ingebragt, wanneer het bloed bij eiken omloop één procent aan bloedligchaampjes verloor, na 15 omloopen het geheele gehalte aan bloedligchaampjes verloren en op nieuw gevormd zijn, terwijl toch de cruor tot de stoffen behoort, die het langzaamst geregenereerd worden. Mayer (4), IIering (S) en II. Nasse (6) hebben eene tegenovergestelde meening bekend gemaakt, dat namelijk aderlijk bloed rijker aan bloedligchaampjes zou zijn, en dit is ook waarschijnlijker; het onderscheid berust echter vermoedelijk niet op vermeerdering der bloedligchaampjes, maar op vergrooting en opzwelling er van.

Omtrent de afwijkingen, die de zamenslellinft van liet bloed in verschillende ziekelijke toestanden hij menschen en dieren ondergaat, is, behalve door vele anderen, veel bekend gemaakt door: P. A. Piorry et D. I.héritier [Traité des alterations du sa/tg, 1840), Andral (Essai d'hematologie p'itliologique, 1843), andral et gavarret [Modifications de proport. de quelq. princ. du suny dans les maladies, 1843), Andral et Delafoisd (De la composition du sang de quelq. animaux domestiq. dans Vétat de santé et de mal ad ie, 1843) A. Becocerei. u. a. IiODIER (Unters. u. Neue Unters. ü. d. Zusammensetz. d. Blutes u. s. w. übers. von Dr. Eisenmann, 1845 en 1847) en veel bijeenverzameld in een zeer polemisch werk van Dr. Gcstav Zjhimermann (Veler die Analyse des Blutes und die pathologischen Krasenlehren enz. Berlin, 1847).

vekt.

(1) II. Nasse, Blut, S. 341.

(2) t. a p. S. 333. Verg. J. Muller, Physiolog. I, 119.

(3) Bibl. unio. de Genève, XVII, 312.

(4) Meckel'S Archiv, 1817, S. 537.

(5) Physiol. für Thier'drzte, S. 132.

(6) Blut, S. "343.

Sluiten