Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vaatzenuwen.

doorsnijding van den nn. ischiadici, van den n. sympalhieus, van het ruggemerg, en zelfs na gedeeltelijke vernietiging van het laatste, de bloedbeweging in het zwemvlies ongestoord bleef; ja zelfs zou, volgens H. Nasse, het zwemvlies bleek worden (de doormeting der vaten zou alzoo moeten afnemen) en het bloed in kleine hoeveelheid door het aan den invloed der zenuwen onttrokken deel vloeijen. Bij de hoogere dieren zijn de vaatzenuwen nog niet eens lot de centraal-organen nagegaan, en dat zij hiermede zamenhangen , kan men alleen opmaken of wordt waarschijnlijk gemaakt door den invloed der gemoedsbewegingen op de vaten , door de deelneming der laatste aan ziekten der centraal-organen , en de later te verklaren verschijnselen der sympathie. Dezen zamenhang toegegeven, dan vertoonen zich wederom nieuwe zwarigheden, wanneer wij bepalen zullen, door welke wortels de vaatzenuwen naar buiten gaan. Ontstaat er na doorsnijding van eene gevoelszenuw verlamming der vaten , dan kan deze op tweederlei wijze verklaard worden: zij kan langs eenen directen weg daardoor bewerkt zijn, dat de zamenhang der vaatzenuwen met de centraal-organen is verbroken, maar ook indirect, naardien de ontsteking van eenen zenuwstam aan het centrale doorgesnedene uiteinde als prikkel op de centraal-organen terugwerkt, en op de prikkeling van sensibele zenuwen eene verlamming der vaatzenuwen antagonistisch volgt. Wordt de n. Irigeminus doorgesneden, dan doen zich, als gevolgen van de verwijding der vaten, uitstorting van plasma, bloedstilstand, verzwering, gangreen, in alle door haar verzorgde weefsels voor, namelijk in liet oog, het tandvleesch en de tong. Doorsnijding van den n. vagns sleept uitstortingen in de longen en in het slijmvlies der maag na zich. Dit alles is zoo dikwijls waargenomen, dal het als eene uilgemaakte zaak kan worden beschouwd (1). Maar de prikkeling der genoemde zenuwen aan hare peripherische verspreiding zou hetzelfde gevolg hebben, en aldus blijft het twijfelachtig, of men door de eerstgenoemde operatie de vaatzenuwen in den stam van den trigeminus en vaijus gescheiden, of de gevoelszenuwen geprikkeld en slechts door middel hiervan op de onbeschadigde vaatzenuwen gewerkt heeft. Voor den n. trigeminus laat zich de eerste opvatting

(1) Verg. Valekiin, Fancl. nerv, p. 23. Stilling, t. a. jj. S. 115.

Sluiten