Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komen, haar physiologisch karakter verandert. De sensibele vezels schijnen alleen bestemd , om indrukken van de uitwendige deelen naar de hersenen te leiden ; men heeft ze daarom ook centripetale genoemd; de motorische vezels daarentegen brengen in centrifugale rigting bevelen van de hersenen aan de spieren over. Overweegt men nu, hoe gevoel bewegingen ten gevolge heeft en hoe bewegingen, ten minste de hevige en krampachtige, tot gevoel aanleiding geven, dan moet men op de gedachte komen, dat van beide schenkels van eenc vezel de eene centrifugaal, derhalve motorisch, de andere centripetaal, sensibel is. Ileeft men zich eenmaal toegegeven, het onbekende, dat in de zenuwen werkzaam is, onder het beeld van eene stroomende vloeistof of stroomend beginsel voor te stellen , dan ligt de vergelijking met het vaatstelsel voor de hand, en men kan zich de vloeistof in den slagaderlijken , motorischen schenkel heen-, in den aderlijken of sensibelen terugvloeiend denken. Aanzetting van de strooming in de eene rigting zoude dan niet nalaten, de strooming in de andere levendiger te maken.

Wel meen ik reeds bewezen te hebben, dat de verschijnselen der sympathie in het algemeen niet uit eenen regtsL eekschen zamenhang der consensueel opwekbare vezels te verklaren zijn; inaar ik kan evenwel niet nalaten, dit onderwerp met bijzonde-e betrekking op een zoo gewigtig en raadselachtig feit, als de )isvo> ming is, nogmaals ter sprake te brengen. ])e peripherische eindlissen kunnen alleen verklaren, hoe op beweging gewaarwording rolgt; om op dezelfde wijze de beweging na gevoel te verklaren, 7,ouden gelijksoortige overgangen der vezels in elkander ook aan hei centrale uiteinde aangenomen moeten worden. Ik zeg aangenomen , ofschoon Yalentin en Carus verzekeren, eind-ombuigingslissen aa i de oppervlakte van de groote en kleine hersenen gevonden 5e hebben. De bevestigende waarnemingen van deze onde'zoekers zou ik niet tegenover de negatieve resultaten van m>j en andeien stellen ; maar dat de centrale lissen ombuigingen der sensibele en motorische zenuwen zijn, hebben Valenti^ en Carus niet bewezen , en van de lissen, die aan de hemisphaeren dei grooie hersenen voorkomen,' laat zich veeleer het tegendeel bewijzen, daardoor, dat prikkeling der hemisphaeren noch pnn noch beweging veroorzaakt. Maar toegegeven, dat door centrale lissen

Sluiten