Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bloedvaten uit het perichondrium in de zelfstandigheid der kraakbeenderen indringen (1). Onder de vezelkraakbeenderen zouden de synchondroses van het bekken, ten minste gedurende de zwangerschap, vaten bezitten, en door opneming van bloed bij levendigere stofwisseling opzwellen.

Men kent geene zenuwen in de kraakbeenderen: op hunne prikkeling volgen geene teekenen van pijn (2).

PHYSIOLOGIE.

Bij de jongste zoogdier-embryones, die met betrekking tot de ontwikkeling van de kraakbeenderen onderzocht werden (zwijnsembryones van 5i" lengte), is de interceliulair-zelfstandigheid week, zoodat de cellen bij eerie geringe drukking uiteen vallen, en de cellen liggen zoo digt opeen , dal de door haar ingenomene ruimte zich tot de interceliulair-zelfstandigheid ongeveer verhoudt als 3:1. De cellen bevatten eene heldere vloeistof binnen eenen ligt korreligen wand, en eene ovale of ronde, niet platte cytoblast. Na behandeling met azijnzuur laat zich somtijds zelfs aan de cellen, die in de interceliulair-zelfstandigheid zijn ingesloten, de dubbele omtrek en alzoo de dikte van den cel wand onderscheiden (3). De interceliulair-zelfstandigheid is omstreeks dezen tijd klaarblijkelijk het overschot van een cytoblastema, dat waarschijnlijk vóór de cellen aanwezig en in de begrenzing voorhanden was, zoo als het kraakbeen die later vertoont. Hiervoor pleiten de algemeene ontwikkelingswetten, en in het bijzonder nog de omstandigheid, dat de interceliulair-zelfstandigheid den rand van het kraakbeen vormt, en zich zelfs over de buitenste cellen nog als een dun overtreksel uitbreidt (4). Hoe in het cytoblastema de eerste cellen ontstaan, is niet bekend. Bij die,

(1) Allg. Anat. S. 217.

(2) DöRWER , De gravioribus (juibusdum cartilagmuin mutationibus. Tubf. 1798, 8.

(3) Schwann , Mikrosk. Ujiters. S. 114. De hier medegedeelde waarnemingen zijn aan kraakbeenderen gedaan , die later in beenderen worden veranderd, i ot een zeker tijdstip is nogtans de ontwikkeling van het verbecnende en het blijvende kraakbeen dezelfde.

(1) SCflWANN, t. a. p. S. 112.

Sluiten