Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verzwering van het slijmvlies, of door bersting van varikeuse aderen tot stand.— Vernaauwing en verwijding der urethra (II, bl. 132) zijn meestal gevolgen van druiper of van pissteenen en zwelling der prostata. — Van de ziekelijke voortbrengselen komen, behalve de ((Ibroide) overblijfselen der ontsteking, nog: tuberkels (en tuberkelzweertjes), maar slechts bij tuberculosis van den geheelen pisafseheidingstoestel, kanker (en kankerverzwering) bij kanker der roede, condylomata (?) voor. — Als anomalen inhoud (II. bl. 155) vermelden wij inzonderheid de pis- en prostatasteenen als het menigvuldigst.

Ziekteverschijnselen. I)e ziekten der pisbuis veroorzaken, behalve de stoornissen in de pislozing en de uitvloeijing van slijm, etter of bloed (zonuei of bij de pislozing), ook plaatselijke verschijnselen van pijn, hardheid < ei urethra, roodheid, ontsteking en verzwering van haren mond. Somtijds voegen zich daarbij drukking en pijn in den bilnaad, onaangename en zelfs pijnlijke oprigtingen.

JEf. (xeslaclitswerktuigen.

1) lianrmoeder.

De peervormige baarmoeder ligt tusschen de pisblaas en den endeldarm, met haren bodem (die alleen bij zeer magere personen en ongevulden toestand der pisblaas door den buikwand henen kan gevoeld worden) op de hoogte der bovenste bekkenopening; zij is aan den hals door het scheedegewelf omvat, zoodat een (8 —10 " hing) gedeelte [portio vaginalis uteri) in de holte der scheede uitpuilt; het ligchaam van den uterus begint aan de inplantingsplaatsen der fallopiaansche trompetten. Het cavum uteri dat naar onderen naauwer wordt en zich in den canalis cervicis uteri voortzet, heeft eene driehoekige gedaante, met ingebogen randen en wordt door herhaalde zwangerschap eirond. De ligging der baarmoeder is altijd eenigzins scheef, de bodem is eenigzins regts naar voren, het scheedegedeelte links naar achteren gekeerd. De bevestiging van de baarmoeder op hare plaats geschiedt noch door de ligg. lata (die de vaten en zenuwen naar den uterus leiden), noch door de rotunda, maar door de ligg. sacro-uterina en pubo-vesico-uterina, die tot de fascia pelvis behooren en zich aan den hals der blaas vasthechten. Het weefsel der baarmoeder bestaat uit spiervezelen, tusschen welke zeei talrijke bloedvaten doorloopen; van huiten is de baarmoeder met het buikvlies, inwendig met slijmvlies (I. bl. 344) bekleed.

Onder de ziekten der baarmoeder, die dit ingewand gedurende of buiten de zwangerschap, of spoedig na de baring aandoen, zijn vooral de laatsten, de zoogen. puerperaal-ziekten, van groot belang en gevaar. Zij betreffen, of het spierweefsel, of het slijmen weivliezig bekleedsel, of de opslorpende en bloedvaten. Hiertoe behoort de endometritis (I. bl. 21(5), met haren croupeusen, dysenterischen en septischen graad (putrescentie), de metrophlebitis (I. bl. 217) en lymphangioitis (I. bl. 218), de peritonitis (I. bl. 218). Deze pucrperale ontstekingen komen in de zoogen. kraamvrouwenkoorts (I. bl. 215) voor en worden dikwijls ook nog

Sluiten