Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terlen mede, waar deze uitgang na eenen 5jarigen duur der ziekte schijnt te hebben plaats gehad (I).

Wat men onder den naam van doorbreken van etterzakken in de longen beschreven heeft, zal wel dikwijls de ontlasting van zoodanige verweekte lobulaire ontstekingskernen geweest zijn.

De voorspelling is zeer ongunstig.

Behandeling.

^ 840. Wordt de lobulaire longontsteking tijdig genoeg herkend, dan moet de ontstekingwerende geneeswijze aangewend worden, om den vochtstilstand in zijne kiem te verstikken. Door eene gelijktijdig altererende behandeling, de in- en uitwendige aanwending van kwikmiddelen tot speekselvloed toe, van ioodpotassium; door krachtdadige afleiding met purgeermiddelen, zweetmiddelen, tracht men de vochtmassa van de in haar bevatte verderfelijke stoffen te zuiveren. Door het openhouden van wonden door Spaanschevliegenpleisters zoekt men voor het uitscheidingsbedrijf nieuwe wegen te openen.

G) PLEURIS EN LONGONTSTEKING BIJ KRAAMVROUWEN.

§ 841. De eigenaardige aanleg bij kraamvrouwen, vooral gedurende de zogkoorts en wanneer zij door kraamvrouwenkoorts aangetast worden, is ook geschikt, om ontstekingen van het borstvlies en van de longen te veroorzaken, die men naar de eigenaardigheid van den levenstoestand die haren grondslag uitmaken, met den naam van kraamvrouwen-pleuris en longontsteking mag bestempelen. De plaatselijke verschijnselen zijn die van den ziektevorm , pleuritisch of pneumonisch, in het eerste geval steken op de borst, die in het begin dikwijls rondtrekken, belemmerde ademhaling, drooge hoest, of in het tweede hevige benaauwde ademhaling, taaije, roestkleurige fluimen ; daarbij hevige en aanhoudende koorts. Maar hier komt de ziekte ook doorgaans zeer ongemerkt op. Meestal is de kraamzuivering en zogafscheiding onderdrukt, de borsten zijn slap. De ziekte begint veelal met eene koude huivering, die zich vaak herhaalt. Dikwijls zijn er nog teekenen van puerperale aandoeningen van andere ingewanden van het buikvlies (peritonaeitis), van de gewrichtsvliezen, van het celweefsel van de onderste ledematen (phlegmasia alba dolens) tevens aanwezig.

§ 842. Deze soort van borstontsteking onderscheidt zich door een zeer snel beloop, de toevallen volgen zeer snel op eikanderen en de doodelijke afloop heeft vaak eer plaats, dan men het heeft vermoed. Dikwijls vindt men dan een melkachtig vocht in het borstvlies uitgestort. In andere gevallen heeft de ziekte een langzamer beloop en kan in longtering overgaan. Maar er is ook genezing mogelijk, wanneer de kraamafscheidingen , kraamzuivering en zweet, rijkelijk opkomen en inzonderheid de borsten door zog opzwellen. Het uit de ader gelaten bloed heeft vaak in zulke gevallen een melkachtig aanzien.

(1) Verg. Hasse t. a, p, 283.

Sluiten