Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

auscultatie, die men nooit verzuimen mag, zullen vaak geene gewenschte opheldering leveren; alleen wanneer inen duidelijk eenen doffen percussieklank , luchtbuisstem en luchtbuisademen vindt, mag men met zekerheid aannemen, dat de longen met bloed doortrokken zijn. De grootere hevigheid der voorafgaande plaatselijke ongemakken op de borst, en hun voortduren na de bloeding, de sterkere uitstorting van een dikwijls donker gekleurd bloed, de gelijktijdige teekenen van active verwijding van het linker hart geven een sterk vermoeden, dat de longzelfstandigheid de zitplaats der bloeding is (1).

§ 891. De bloedspuwing behoort tot de ziekten, welke vrij dikwijls nagebootst worden door het zuigen van bloed uit het verwond tandvleesch , door roodkleurende zelfstandigheden, die bedriegers in den mond nemen. Anderen willen den waren aard der ziekte verbloemen, en beweren, dat het ontlast bloed uit den neus, uit den mond komt.

Oorzaken en in oorsprong verschillende soorten van bloeding der luchtwegen.

§ 892. De bloeding uit de luchtwegen is altijd slechts een vormelijk beginsel van eene andere grondziekte; al is ook de geneesheer niet in staat, in elk gegeven geval de bijzondere oorzaak der bloeding op te sporen, zoo ontstaat daaruit nog niet de bevoegdheid, om deze gevallen kortweg als idiopathische bloedspuwing van de hand te sturen. Idiopathisch is ieder bloedhoest, hoe verschillend overigens zijn oorsprong ook is; want overal zijn de luchtwegen zelve de lijdende deelen.

§ 893. De vereischten tot het ontstaan der bloedvloeiingen in het algemeen (Iste deel, bladz. 114) zijn ook in het bijzonder die van de bloeding uit de ademhalingswerktuigen: bloedstilstand in de vaten der luchtbuizen of der longen , of bloedorgasmus , of verslapping en verzwakking der vaatwanden, of verdunde, ontbondene hoedanigheid des bloeds, of verscheidene van deze omstandigheden vereenigd. Gelijk voor de bloedingen over het geheel, is ook voor het bloedspuwen de onderscheiding van het actief of passief karakter der bloeding van toepassing, en in dit opzigt geldt omtrent deze soort alleen, dat op de reeds aangehaalde plaats uiteen is gezet.

§ 894. Een erfelijken aanleg kan men bij bloedspuwing zeer dikwijls aantoonen; soms is het de tot bloeding voorbeschikkende eigenaardig teedere bouw der weefsels, soms de kiem van een ziekteproces, dat de bloeding veroorzaakt (met name van de tuberkelzucht), dat het overerven van het bloedhoesten te weeg brengt.

5 895. De habitus der bloedspuwers is meestendeels de borstzwakke en in de borst naauwe ligchaamsbouw, met eenen langen hals, vleugelsgewijs opstaande schouderbladen; hiermede paart zich gemeenlijk dunheid en ma-

(1) Volgens Piohby (Diagnostik. Bd. I. S. 419) is het mogelijk de plaats Tan de long, waar de bloeding plaats grijpt, te herkennen; »zoo konde men bij eenige zieken, en voornamelijk bij écnen, door de dofheid van den plessimeter bepalen, dat het bloed uit eenen longvlengelkwam. Men liet den lijder op de andere zijde liggen, om aldus aan de luchtbuizen van den zieken longvlengel eene lagere ligging te geven; het bloed vloeide af, de helderheid van den klank keerde terug en de bloeding stond."

Sluiten