is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit grauwe nevels

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedrongen lijf deinend op de uitbuigende beenen, de hoed op een oor boven zijn gulle, pinkende oogjes, de vunzende sigaar in den mond leek hij het toonbeeld van jantjeplezier. Uiterlijk bleef hij heel en al zijn guitige kenspreuk gelijk, zijne zoo vaak afgelegde geloofsbelijdenis, samengevat in de vier akten : dansen, zingen, drinken en de beestjes gaarne zien. Eens de voet aan wal en hij was herschapen; geen bekommernis noch nadenken meer tot hij opnieuw scheep ging ! 't Was voorbij het liggen staren over ree'ing naar verre, vreemde gezichteinders ! Vergeten de zee en hare aanvechtende golven ; niet langer geluisterd naar den wind in de hooge masten of naar het zacht-treurend zingen eener harmonica in 't vooronder. Eindeloos verheugend en aantrekkelijk was de haven die hem alles vergeten liet, die verdringen kon de herinnering aan zijn heim; de haven kwam weer vol vierigheid in hem gevaren. Zijn geld moest rollen, sparen doen haaien en landratten, het rollende geld alleen laat menschen leven !

Wijl hij vroolijk liep voorbij de bonte afwisseling der uitstallingen, voorbij preutsche, glanzende vitrienen, dacht hij onwillekeurig terug aan zijn schamel dorpken in een magere heikant van Pruisen. Hij mij-